Naar de inhoud

foerageren

voer, levensmiddelen halen (verzamelen)

foerageren

werkwoord ˌfuraˈʒerə(n)

Betekenis

  1. voer, levensmiddelen halen (verzamelen)
  2. m.n. van steltlopers op slikken of wad heen en weer lopen en met de snavel in het slik prikken op zoek naar voedsel.

Hoe spreek je foerageren uit?

/ˌfuraˈʒerən/

Foerageren bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.

De tekens in /ˌfuraˈʒerən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
f fiets
u boek
r rood
a maan
ʒ journaal
e veel
ə de
n nek
ˌ een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. op slikken of wad heen en weer lopen en met de snavel in het slik prikken op zoek naar voedsel unergative

Vervoeging van foerageren

foeragerenhele werkwoord — foerageerdeverleden tijd enkelvoud — foerageerdenverleden tijd meervoud — gefoerageerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik foerageer foerageerde
jij foerageert foerageerde
hij, zij, het foerageert foerageerde
wij foerageren foerageerden
jullie foerageren foerageerden
zij foerageren foerageerden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
foerageer gebiedende wijs
foerageerde verleden tijd
foeragere aanvoegende wijs
foeragerend onvoltooid, deelwoord
gefoerageerd verleden tijd, deelwoord
gefoerageerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gefoerageerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gefoerageerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gefoerageerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gefoerageerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gefoerageerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gefoerageerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gefoerageerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gefoerageerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gefoerageerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gefoerageerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gefoerageerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gefoerageerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gefoerageerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gefoerageerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gefoerageerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gefoerageerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te foerageren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gefoerageerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen foerageren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal foerageren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal foerageren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal foerageren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gefoerageerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gefoerageerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gefoerageerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou foerageren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou foerageren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou foerageren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gefoerageerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gefoerageerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gefoerageerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden foerageren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden foerageren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden foerageren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gefoerageerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gefoerageerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gefoerageerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt foerageren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gefoerageerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen foerageren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen foerageren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen foerageren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen foerageren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gefoerageerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gefoerageerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gefoerageerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult foerageren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gefoerageerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Naamwoord van handeling van foerage met het achtervoegsel -eren

Woordfamilie van foerageren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
foerageer gebiedende wijs foerageren
foerageerde verleden tijd foerageren
foerageerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon foerageren
foerageert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon foerageren
foeragere aanvoegende wijs foerageren
foeragerend onvoltooid deelwoord foerageren
foeragerende woordvorm foerageren
gefoerageerd voltooid deelwoord foerageren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van foerageren zijn vastgelegd.

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over foerageren

Hoe spreek ik foerageren uit?
Zo spreek je foerageren uit: /ˌfuraˈʒerə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van foerageren?
Foerageren is een werkwoord. De betekenis is: voer, levensmiddelen halen (verzamelen). In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik foerageren?
Zo vervoeg je foerageren zo: de tegenwoordige tijd is foerageer, de verleden tijd is foerageerde en het voltooid deelwoord is gefoerageerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op foerageren?

Op foerageren rijmen 395 woorden, onder andere abonneren, controleren en centrifugeren. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Nog 60 rijmwoorden

Er zijn er 395 in totaal; hier staan de kortste 100.

Scrabble punten

Naar spel

Het woord foerageren is 17 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. F 4
  2. O 1
  3. E 1
  4. R 2
  5. A 1
  6. G 3
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 17 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

foerageren levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 75 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. F 4
  2. O 1
  3. E 1
  4. R 2
  5. A 1
  6. G 3
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 17 zonder bonus
  12. 75 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (F) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

foerageren in het kort

foerageren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van foerageren staan er 32 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort foerageren bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

foerageren: voer, levensmiddelen halen (verzamelen)
Deel foerageren — standaardnederlands.nl