elimineren
werkwoord ˌelimiˈnerə(n)Betekenis
- verwijderen uit de vergelijking
- verwijderen uit de bevolking, doden
- zorgen dat iets slechts verdwijnt
- verwijderen uit het lichaam, excretie
Hoe spreek je elimineren uit?
/ˌelimiˈnerən/
Elimineren bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de vierde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| e | veel |
| l | land |
| i | riet |
| m | maan |
| n | nek |
| r | rood |
| ə | de |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van elimineren
eliminerenhele werkwoord — elimineerdeverleden tijd enkelvoud — elimineerdenverleden tijd meervoud — geëlimineerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | elimineer | elimineerde |
| jij | elimineert | elimineerde |
| hij, zij, het | elimineert | elimineerde |
| wij | elimineren | elimineerden |
| jullie | elimineren | elimineerden |
| zij | elimineren | elimineerden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| elimineer | gebiedende wijs |
| elimineerde | verleden tijd |
| eliminere | aanvoegende wijs |
| eliminerend | onvoltooid, deelwoord |
| er is geëlimineerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was geëlimineerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd geëlimineerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt geëlimineerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal geëlimineerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal geëlimineerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou geëlimineerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou geëlimineerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| geëlimineerd | verleden tijd, deelwoord |
| geëlimineerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geëlimineerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geëlimineerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geëlimineerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geëlimineerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geëlimineerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geëlimineerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geëlimineerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geëlimineerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geëlimineerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geëlimineerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te elimineren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben geëlimineerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen elimineren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was geëlimineerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt geëlimineerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal geëlimineerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geëlimineerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal geëlimineerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal geëlimineerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geëlimineerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt geëlimineerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou geëlimineerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geëlimineerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geëlimineerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geëlimineerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geëlimineerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geëlimineerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden geëlimineerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geëlimineerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geëlimineerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geëlimineerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geëlimineerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geëlimineerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt geëlimineerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geëlimineerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen elimineren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen geëlimineerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geëlimineerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geëlimineerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen geëlimineerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geëlimineerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geëlimineerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult elimineren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult geëlimineerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult geëlimineerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult geëlimineerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘verwijderen’ voor het eerst aangetroffen in 1832
Woordfamilie van elimineren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| elimineer | gebiedende wijs | elimineren |
| elimineerde | verleden tijd | elimineren |
| elimineerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | elimineren |
| elimineert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | elimineren |
| eliminere | aanvoegende wijs | elimineren |
| eliminerend | onvoltooid deelwoord | elimineren |
| eliminerende | woordvorm | elimineren |
| geëlimineerd | voltooid deelwoord | elimineren |
| geëlimineerde | woordvorm | elimineren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van elimineren zijn vastgelegd.