Naar de inhoud

alfabetiseren

lezen en schrijven aanleren

alfabetiseren

werkwoord ˌɑlfaˌbetiˈzerə(n)

Betekenis

  1. lezen en schrijven aanleren
  2. naar beginletter indelen

Hoe spreek je alfabetiseren uit?

/ˌɑlfaˌbetiˈzerən/

Alfabetiseren bestaat uit zes lettergrepen. De klemtoon ligt op de vijfde.

De tekens in /ˌɑlfaˌbetiˈzerən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
ɑ bad
l land
f fiets
a maan
b bak
e veel
t tak
i riet
z zon
r rood
ə de
n nek
ˌ een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van alfabetiseren

alfabetiserenhele werkwoord — alfabetiseerdeverleden tijd enkelvoud — alfabetiseerdenverleden tijd meervoud — gealfabetiseerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik alfabetiseer alfabetiseerde
jij alfabetiseert alfabetiseerde
hij, zij, het alfabetiseert alfabetiseerde
wij alfabetiseren alfabetiseerden
jullie alfabetiseren alfabetiseerden
zij alfabetiseren alfabetiseerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
alfabetiseer gebiedende wijs
alfabetiseerde verleden tijd
alfabetisere aanvoegende wijs
alfabetiserend onvoltooid, deelwoord
ben gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gealfabetiseerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gealfabetiseerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gealfabetiseerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gealfabetiseerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gealfabetiseerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gealfabetiseerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gealfabetiseerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gealfabetiseerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gealfabetiseerd verleden tijd, deelwoord
gealfabetiseerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gealfabetiseerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gealfabetiseerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gealfabetiseerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gealfabetiseerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gealfabetiseerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gealfabetiseerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gealfabetiseerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gealfabetiseerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gealfabetiseerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gealfabetiseerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te alfabetiseren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gealfabetiseerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen alfabetiseren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gealfabetiseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gealfabetiseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gealfabetiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gealfabetiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gealfabetiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gealfabetiseerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gealfabetiseerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gealfabetiseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gealfabetiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gealfabetiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gealfabetiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gealfabetiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gealfabetiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gealfabetiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gealfabetiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gealfabetiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gealfabetiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gealfabetiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gealfabetiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gealfabetiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gealfabetiseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gealfabetiseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen alfabetiseren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gealfabetiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gealfabetiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gealfabetiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gealfabetiseerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gealfabetiseerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gealfabetiseerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult alfabetiseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gealfabetiseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gealfabetiseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gealfabetiseerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van het Franse alphabétiser met het achtervoegsel -iseren

Woordfamilie van alfabetiseren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
alfabetiseer gebiedende wijs alfabetiseren
alfabetiseerde verleden tijd alfabetiseren
alfabetiseerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon alfabetiseren
alfabetiseert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon alfabetiseren
alfabetisere aanvoegende wijs alfabetiseren
alfabetiserend onvoltooid deelwoord alfabetiseren
alfabetiserende woordvorm alfabetiseren
gealfabetiseerd voltooid deelwoord alfabetiseren
gealfabetiseerde woordvorm alfabetiseren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van alfabetiseren zijn vastgelegd.

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over alfabetiseren

Hoe spreek je alfabetiseren uit?
De uitspraak van alfabetiseren is: /ˌɑlfaˌbetiˈzerə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent alfabetiseren?
Alfabetiseren is een werkwoord. Het woord betekent: lezen en schrijven aanleren. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je alfabetiseren?
Je vervoegt alfabetiseren als volgt: de tegenwoordige tijd is alfabetiseer, de verleden tijd is alfabetiseerde en het voltooid deelwoord is gealfabetiseerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op alfabetiseren?

Er staan 395 woorden in dit woordenboek die op alfabetiseren rijmen, waaronder abonneren, controleren en centrifugeren. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Nog 60 rijmwoorden

Er zijn er 395 in totaal; hier staan de kortste 100.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord alfabetiseren is 23 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. L 3
  3. F 4
  4. A 1
  5. B 3
  6. E 1
  7. T 2
  8. I 1
  9. S 2
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 23 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

alfabetiseren levert met Wordfeud minimaal 25 en maximaal 99 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. L 3
  3. F 4
  4. A 1
  5. B 4
  6. E 1
  7. T 2
  8. I 2
  9. S 2
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 25 zonder bonus
  15. 99 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (F) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

alfabetiseren in het kort

alfabetiseren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van alfabetiseren zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort alfabetiseren bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

alfabetiseren: lezen en schrijven aanleren
Deel alfabetiseren — standaardnederlands.nl