documenteren
werkwoord ˌdokymɛnˈterə(n)Betekenis
- onderbouwen, staven met documenten
Hoe spreek je documenteren uit?
/ˌdokymɛnˈterən/
Documenteren bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de vierde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| o | boot |
| k | kat |
| y | fuut |
| m | maan |
| ɛ | bed |
| n | nek |
| t | tak |
| e | veel |
| r | rood |
| ə | de |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van documenteren
documenterenhele werkwoord — documenteerdeverleden tijd enkelvoud — documenteerdenverleden tijd meervoud — gedocumenteerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | documenteer | documenteerde |
| jij | documenteert | documenteerde |
| hij, zij, het | documenteert | documenteerde |
| wij | documenteren | documenteerden |
| jullie | documenteren | documenteerden |
| zij | documenteren | documenteerden |
Alle 88 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| documenteer | gebiedende wijs |
| documenteerde | verleden tijd |
| documentere | aanvoegende wijs |
| documenterend | onvoltooid, deelwoord |
| er is gedocumenteerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gedocumenteerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gedocumenteerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gedocumenteerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gedocumenteerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gedocumenteerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gedocumenteerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gedocumenteerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gedocumenteerd | verleden tijd, deelwoord |
| gedocumenteerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gedocumenteerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gedocumenteerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedocumenteerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedocumenteerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedocumenteerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gedocumenteerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gedocumenteerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedocumenteerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedocumenteerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gedocumenteerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gedocumenteerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gedocumenteerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gedocumenteerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gedocumenteerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gedocumenteerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gedocumenteerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gedocumenteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedocumenteerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gedocumenteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedocumenteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gedocumenteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gedocumenteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedocumenteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedocumenteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gedocumenteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te documenteren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben gedocumenteerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen documenteren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waren gedocumenteerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gedocumenteerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gedocumenteerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werden gedocumenteerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| worden gedocumenteerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gedocumenteerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| zal documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal gedocumenteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedocumenteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gedocumenteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gedocumenteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gedocumenteerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn gedocumenteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zou documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou gedocumenteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedocumenteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedocumenteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gedocumenteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gedocumenteerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden gedocumenteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gedocumenteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gedocumenteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedocumenteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedocumenteerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt gedocumenteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen documenteren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen gedocumenteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gedocumenteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gedocumenteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedocumenteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedocumenteerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult documenteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult gedocumenteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
Afgeleid van document met het achtervoegsel -eren
Woordfamilie van documenteren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| documenteer | gebiedende wijs | documenteren |
| documenteerde | verleden tijd | documenteren |
| documenteerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | documenteren |
| documenteert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | documenteren |
| documentere | aanvoegende wijs | documenteren |
| documenterend | onvoltooid deelwoord | documenteren |
| documenterende | woordvorm | documenteren |
| gedocumenteerd | voltooid deelwoord | documenteren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van documenteren zijn vastgelegd.