stimuleren
werkwoord stimyˈlerə(n)Betekenis
- maatregelen nemen om iets te bevorderen
Hoe spreek je stimuleren uit?
/stimyˈlerən/
Stimuleren bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| t | tak |
| i | riet |
| m | maan |
| y | fuut |
| l | land |
| e | veel |
| r | rood |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van stimuleren
stimulerenhele werkwoord — stimuleerdeverleden tijd enkelvoud — stimuleerdenverleden tijd meervoud — gestimuleerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | stimuleer | stimuleerde |
| jij | stimuleert | stimuleerde |
| hij, zij, het | stimuleert | stimuleerde |
| wij | stimuleren | stimuleerden |
| jullie | stimuleren | stimuleerden |
| zij | stimuleren | stimuleerden |
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| er is gestimuleerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gestimuleerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gestimuleerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gestimuleerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gestimuleerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gestimuleerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gestimuleerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gestimuleerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gestimuleerd | verleden tijd, deelwoord |
| gestimuleerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gestimuleerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gestimuleerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gestimuleerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gestimuleerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gestimuleerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gestimuleerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gestimuleerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gestimuleerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gestimuleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gestimuleerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gestimuleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gestimuleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gestimuleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gestimuleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gestimuleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gestimuleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| stimuleer | gebiedende wijs |
| stimuleerde | verleden tijd |
| stimulere | aanvoegende wijs |
| stimulerend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben gestimuleerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te stimuleren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen stimuleren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal gestimuleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gestimuleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gestimuleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zou gestimuleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gestimuleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gestimuleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gestimuleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gestimuleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gestimuleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gestimuleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gestimuleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gestimuleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gestimuleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen stimuleren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gestimuleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult stimuleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘aansporen’ voor het eerst aangetroffen in 1669
Woordfamilie van stimuleren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gestimuleerd | voltooid deelwoord | stimuleren |
| gestimuleerde | woordvorm | stimuleren |
| stimuleer | gebiedende wijs | stimuleren |
| stimuleerde | verleden tijd | stimuleren |
| stimuleerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | stimuleren |
| stimuleert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | stimuleren |
| stimulere | aanvoegende wijs | stimuleren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van stimuleren zijn vastgelegd.