controleren
werkwoord ˌkɔntroˈlerə(n)Betekenis
- inspecteren, toezicht houden, onderzoeken, nazien
- beheersen, overheersen
Hoe spreek je controleren uit?
/ˌkɔntroˈlerən/
Controleren bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| ɔ | bot |
| n | nek |
| t | tak |
| r | rood |
| o | boot |
| l | land |
| e | veel |
| ə | de |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
werkwoord
- toezicht houden transitive
Vervoeging van controleren
controlerenhele werkwoord — controleerdeverleden tijd enkelvoud — controleerdenverleden tijd meervoud — gecontroleerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | controleer | controleerde |
| jij | controleert | controleerde |
| hij, zij, het | controleert | controleerde |
| wij | controleren | controleerden |
| jullie | controleren | controleerden |
| zij | controleren | controleerden |
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| controleer | gebiedende wijs |
| controleerde | verleden tijd |
| controlere | aanvoegende wijs |
| controlerend | onvoltooid, deelwoord |
| er is gecontroleerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gecontroleerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gecontroleerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gecontroleerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gecontroleerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gecontroleerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gecontroleerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gecontroleerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gecontroleerd | verleden tijd, deelwoord |
| gecontroleerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gecontroleerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gecontroleerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gecontroleerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gecontroleerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gecontroleerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gecontroleerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gecontroleerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gecontroleerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gecontroleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gecontroleerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gecontroleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gecontroleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gecontroleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gecontroleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gecontroleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gecontroleerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te controleren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben gecontroleerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen controleren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal controleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal controleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal controleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal gecontroleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gecontroleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gecontroleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zou controleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou controleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou controleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou gecontroleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gecontroleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gecontroleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden controleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden controleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden controleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden gecontroleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gecontroleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gecontroleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt controleren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt gecontroleerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen controleren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen controleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen controleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen controleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen gecontroleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gecontroleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gecontroleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult controleren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult gecontroleerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘inspecteren’ voor het eerst aangetroffen in 1548
Woordfamilie van controleren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| controleer | gebiedende wijs | controleren |
| controleerde | verleden tijd | controleren |
| controleerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | controleren |
| controleert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | controleren |
| controlere | aanvoegende wijs | controleren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van controleren zijn vastgelegd.