Naar de inhoud

surveilleren

toezicht houden

surveilleren

werkwoord /ˌsyrvɛ'jerə(n)/

Betekenis

  1. toezicht houden

Hoe spreek je surveilleren uit?

/ˌsyrvɛˈjerən/

Surveilleren bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.

De tekens in /ˌsyrvɛˈjerən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
y fuut
r rood
v vis
ɛ bed
j ja
e veel
ə de
n nek
ˌ een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van surveilleren

surveillerenhele werkwoord — surveilleerdeverleden tijd enkelvoud — surveilleerdenverleden tijd meervoud — gesurveilleerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik surveilleer surveilleerde
jij surveilleert surveilleerde
hij, zij, het surveilleert surveilleerde
wij surveilleren surveilleerden
jullie surveilleren surveilleerden
zij surveilleren surveilleerden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gesurveilleerd verleden tijd, deelwoord
gesurveilleerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesurveilleerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gesurveilleerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gesurveilleerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gesurveilleerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gesurveilleerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gesurveilleerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gesurveilleerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gesurveilleerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gesurveilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesurveilleerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gesurveilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesurveilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gesurveilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gesurveilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesurveilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesurveilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
surveilleer gebiedende wijs
surveilleerde verleden tijd
surveillere aanvoegende wijs
surveillerend onvoltooid, deelwoord
te hebben gesurveilleerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te surveilleren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen surveilleren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gesurveilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesurveilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gesurveilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gesurveilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesurveilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesurveilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gesurveilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gesurveilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gesurveilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gesurveilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gesurveilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gesurveilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gesurveilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen surveilleren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gesurveilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult surveilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘toezicht houden’ voor het eerst aangetroffen in 1810

Woordfamilie van surveilleren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gesurveilleerd voltooid deelwoord surveilleren
surveilleer gebiedende wijs surveilleren
surveilleerde verleden tijd surveilleren
surveilleerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon surveilleren
surveilleert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon surveilleren
surveillere aanvoegende wijs surveilleren
surveillerend onvoltooid deelwoord surveilleren
surveillerende woordvorm surveilleren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van surveilleren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over surveilleren

Hoe spreek je surveilleren uit?
De uitspraak van surveilleren is: /ˌsyrvɛ'jerə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent surveilleren?
Surveilleren is een werkwoord. Het woord betekent: toezicht houden.
Hoe vervoeg je surveilleren?
Je vervoegt surveilleren als volgt: de tegenwoordige tijd is surveilleer, de verleden tijd is surveilleerde en het voltooid deelwoord is gesurveilleerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op surveilleren?

Surveilleren rijmt op 395 woorden op -eren; abonneren, controleren en centrifugeren bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Nog 60 rijmwoorden

Er zijn er 395 in totaal; hier staan de kortste 100.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord surveilleren is 25 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. U 4
  3. R 2
  4. V 4
  5. E 1
  6. I 1
  7. L 3
  8. L 3
  9. E 1
  10. R 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 25 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

surveilleren levert met Wordfeud minimaal 24 en maximaal 96 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. U 2
  3. R 2
  4. V 4
  5. E 1
  6. I 2
  7. L 3
  8. L 3
  9. E 1
  10. R 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 24 zonder bonus
  14. 96 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

surveilleren in het kort

surveilleren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van surveilleren zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort surveilleren bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

surveilleren: toezicht houden
Deel surveilleren — standaardnederlands.nl