publiceren
werkwoord ˌpybliˈserə(n)Betekenis
- bekend maken aan een doorgaans groot publiek via een bepaald medium
Hoe spreek je publiceren uit?
/ˌpybliˈserən/
Publiceren bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| y | fuut |
| b | bak |
| l | land |
| i | riet |
| s | sok |
| e | veel |
| r | rood |
| ə | de |
| n | nek |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van publiceren
publicerenhele werkwoord — publiceerdeverleden tijd enkelvoud — publiceerdenverleden tijd meervoud — gepubliceerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | publiceer | publiceerde |
| jij | publiceert | publiceerde |
| hij, zij, het | publiceert | publiceerde |
| wij | publiceren | publiceerden |
| jullie | publiceren | publiceerden |
| zij | publiceren | publiceerden |
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| er is gepubliceerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gepubliceerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gepubliceerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gepubliceerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gepubliceerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gepubliceerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gepubliceerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gepubliceerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gepubliceerd | verleden tijd, deelwoord |
| gepubliceerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gepubliceerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gepubliceerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gepubliceerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gepubliceerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gepubliceerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gepubliceerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gepubliceerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gepubliceerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gepubliceerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gepubliceerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gepubliceerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gepubliceerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gepubliceerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gepubliceerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gepubliceerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gepubliceerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| publiceer | gebiedende wijs |
| publiceerde | verleden tijd |
| publicere | aanvoegende wijs |
| publicerend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben gepubliceerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te publiceren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen publiceren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal gepubliceerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gepubliceerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gepubliceerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zou gepubliceerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gepubliceerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gepubliceerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gepubliceerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gepubliceerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gepubliceerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gepubliceerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gepubliceerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gepubliceerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gepubliceerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen publiceren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gepubliceerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult publiceren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘door druk in het licht geven’ voor het eerst aangetroffen in 1902
Woordfamilie van publiceren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| publiceer | gebiedende wijs | publiceren |
| publiceerde | verleden tijd | publiceren |
| publiceerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | publiceren |
| publiceert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | publiceren |
| publicere | aanvoegende wijs | publiceren |
| publicerend | onvoltooid deelwoord | publiceren |
| publicerende | woordvorm | publiceren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van publiceren zijn vastgelegd.