deblokkeren
werkwoord /de.blɔ.ˈkeː.rə(n)/Betekenis
- een blokkering opheffen
Hoe spreek je deblokkeren uit?
/deblɔˈkerən/
Deblokkeren bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| e | veel |
| b | bak |
| l | land |
| ɔ | bot |
| k | kat |
| r | rood |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van deblokkeren
deblokkerenhele werkwoord — deblokkeerdeverleden tijd enkelvoud — deblokkeerdenverleden tijd meervoud — gedeblokkeerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | deblokkeer | deblokkeerde |
| jij | deblokkeert | deblokkeerde |
| hij, zij, het | deblokkeert | deblokkeerde |
| wij | deblokkeren | deblokkeerden |
| jullie | deblokkeren | deblokkeerden |
| zij | deblokkeren | deblokkeerden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| deblokkeer | gebiedende wijs |
| deblokkeerde | verleden tijd |
| deblokkere | aanvoegende wijs |
| deblokkerend | onvoltooid, deelwoord |
| er is gedeblokkeerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gedeblokkeerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gedeblokkeerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gedeblokkeerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gedeblokkeerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gedeblokkeerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gedeblokkeerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gedeblokkeerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gedeblokkeerd | verleden tijd, deelwoord |
| gedeblokkeerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gedeblokkeerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gedeblokkeerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedeblokkeerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedeblokkeerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedeblokkeerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gedeblokkeerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gedeblokkeerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedeblokkeerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedeblokkeerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedeblokkeerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te deblokkeren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben gedeblokkeerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen deblokkeren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gedeblokkeerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gedeblokkeerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal gedeblokkeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedeblokkeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gedeblokkeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gedeblokkeerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedeblokkeerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gedeblokkeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou gedeblokkeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedeblokkeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedeblokkeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedeblokkeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedeblokkeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedeblokkeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden gedeblokkeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gedeblokkeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gedeblokkeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedeblokkeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gedeblokkeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gedeblokkeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt gedeblokkeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gedeblokkeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen deblokkeren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen gedeblokkeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gedeblokkeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gedeblokkeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedeblokkeerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gedeblokkeerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gedeblokkeerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult deblokkeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult gedeblokkeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gedeblokkeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gedeblokkeerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van het Franse débloquer (met het voorvoegsel de-) en met het achtervoegsel -eren
Woordfamilie van deblokkeren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| deblokkeer | gebiedende wijs | deblokkeren |
| deblokkeerde | verleden tijd | deblokkeren |
| deblokkeerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | deblokkeren |
| deblokkeert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | deblokkeren |
| deblokkere | aanvoegende wijs | deblokkeren |
| deblokkerend | onvoltooid deelwoord | deblokkeren |
| deblokkerende | woordvorm | deblokkeren |
| gedeblokkeerd | voltooid deelwoord | deblokkeren |
| gedeblokkeerde | woordvorm | deblokkeren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van deblokkeren zijn vastgelegd.