nachtuil
zelfstandig naamwoord ˈnɑxtœylBetekenis
- een soort uil
- iemand die vooral 's-avonds en 's-nachts actief is
Hoe spreek je nachtuil uit?
/ˈnɑxtœyl/
Nachtuil bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| n | nek |
| ɑ | bad |
| x | acht |
| t | tak |
| œy | huis |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- traditionele benaming voor verschillende soorten uilen uit de familie Strigidae
- benaming voor nachtvlinders uit de familie Noctuidae
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nachtuilen | meervoud |
| nachtuiltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| nachtuiltjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
van Middelnederlands nachtule, op te vatten als samenstelling van nacht zn en uil zn
Woordfamilie van nachtuil
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| nachtuilen | meervoud | nachtuil |
| nachtuiltje | verkleinwoord | nachtuil |
| nachtuiltjes | verkleinwoord meervoud | nachtuil |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nachtuil zijn vastgelegd.