Naar de inhoud

nomineren

(voor een functie)

nomineren

werkwoord ˌnomiˈnerə(n)

Betekenis

  1. (voor een functie)
  2. iemand aanwijzen als kandidaat via een selectieprocedure
  3. iemand aanwijzen als kandidaat om weggestemd of verwijderd te worden

Hoe spreek je nomineren uit?

/ˌnomiˈnerən/

Nomineren bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.

De tekens in /ˌnomiˈnerən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
n nek
o boot
m maan
i riet
e veel
r rood
ə de
ˌ een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. noemen, benoemen (voor een functie) transitive

Vervoeging van nomineren

nominerenhele werkwoord — nomineerdeverleden tijd enkelvoud — nomineerdenverleden tijd meervoud — genomineerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik nomineer nomineerde
jij nomineert nomineerde
hij, zij, het nomineert nomineerde
wij nomineren nomineerden
jullie nomineren nomineerden
zij nomineren nomineerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is genomineerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was genomineerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd genomineerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt genomineerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal genomineerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal genomineerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou genomineerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou genomineerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
genomineerd verleden tijd, deelwoord
genomineerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
genomineerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
genomineerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
genomineerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
genomineerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
genomineerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
genomineerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
genomineerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
genomineerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
genomineerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had genomineerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had genomineerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had genomineerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden genomineerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden genomineerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden genomineerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt genomineerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben genomineerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
nomineer gebiedende wijs
nomineerde verleden tijd
nominere aanvoegende wijs
nominerend onvoltooid, deelwoord
te hebben genomineerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te nomineren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen nomineren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart genomineerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren genomineerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren genomineerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren genomineerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was genomineerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was genomineerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was genomineerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd genomineerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd genomineerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd genomineerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden genomineerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden genomineerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden genomineerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt genomineerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word genomineerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden genomineerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden genomineerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden genomineerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt genomineerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt genomineerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal genomineerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal genomineerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal genomineerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal genomineerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal genomineerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal nomineren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal nomineren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal nomineren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt genomineerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou genomineerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou genomineerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou genomineerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou genomineerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou genomineerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou genomineerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou nomineren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou nomineren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou nomineren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden genomineerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden genomineerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden genomineerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden genomineerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden genomineerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden genomineerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden nomineren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden nomineren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden nomineren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt genomineerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt genomineerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt nomineren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen genomineerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen genomineerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen genomineerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen genomineerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen genomineerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen genomineerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen nomineren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen nomineren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen nomineren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen nomineren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult genomineerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult genomineerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult genomineerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult nomineren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

[1] van Frans nominer ww "benoemen voor een functie" (met het achtervoegsel -eren)

Woordfamilie van nomineren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
genomineerd voltooid deelwoord nomineren
nomineer gebiedende wijs nomineren
nomineerde verleden tijd nomineren
nomineerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon nomineren
nomineert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon nomineren
nominere aanvoegende wijs nomineren
nominerend onvoltooid deelwoord nomineren
nominerende woordvorm nomineren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nomineren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over nomineren

Hoe spreek ik nomineren uit?
Zo spreek je nomineren uit: /ˌnomiˈnerə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van nomineren?
Nomineren is een werkwoord. De betekenis is: (voor een functie). In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik nomineren?
Zo vervoeg je nomineren zo: de tegenwoordige tijd is nomineer, de verleden tijd is nomineerde en het voltooid deelwoord is genomineerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op nomineren?

Nomineren rijmt op 395 woorden op -eren; abonneren, controleren en centrifugeren bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Nog 60 rijmwoorden

Er zijn er 395 in totaal; hier staan de kortste 100.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord nomineren is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. N 1
  2. O 1
  3. M 3
  4. I 1
  5. N 1
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

nomineren levert met Wordfeud minimaal 13 en maximaal 57 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. N 1
  2. O 1
  3. M 3
  4. I 2
  5. N 1
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 13 zonder bonus
  11. 57 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (M) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

nomineren in het kort

nomineren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van nomineren staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort nomineren bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

nomineren: (voor een functie)
Deel nomineren — standaardnederlands.nl