Naar de inhoud

identificeren

de identiteit van iets vaststellen

identificeren

werkwoord ˌidɛntifiˈserə(n)

Betekenis

  1. de identiteit van iets vaststellen
  2. in zich ~ met: zich volkomen verbinden met, zich wijden aan (een idee, activiteit, e.d.)
  3. zijn of haar wettelijke identiteit of status aangeven of laten blijken (bijv. met een paspoort)
  4. in ~ als: zijn of haar etnische, culturele, sociale, religieuze of geslachtelijke/gender identiteit of affiniteit laten blijken

Hoe spreek je identificeren uit?

/ˌidɛntifiˈserən/

Identificeren bestaat uit zes lettergrepen. De klemtoon ligt op de vijfde.

De tekens in /ˌidɛntifiˈserən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
i riet
d dak
ɛ bed
n nek
t tak
f fiets
s sok
e veel
r rood
ə de
ˌ een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van identificeren

identificerenhele werkwoord — identificeerdeverleden tijd enkelvoud — identificeerdenverleden tijd meervoud — geïdentificeerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik identificeer identificeerde
jij identificeert identificeerde
hij, zij, het identificeert identificeerde
wij identificeren identificeerden
jullie identificeren identificeerden
zij identificeren identificeerden
Alle 160 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is geïdentificeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geïdentificeerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geïdentificeerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geïdentificeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geïdentificeerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geïdentificeerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geïdentificeerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geïdentificeerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geïdentificeerd verleden tijd, deelwoord
geïdentificeerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geïdentificeerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geïdentificeerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geïdentificeerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
geïdentificeerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geïdentificeerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geïdentificeerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geïdentificeerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
geïdentificeerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
geïdentificeerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geïdentificeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
identificeer gebiedende wijs
identificeer me eerste persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud
identificeer u/je , identificeert je gebiedende wijs
identificeerde verleden tijd
identificeerde je tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud
identificeerde me eerste persoon, verleden tijd, enkelvoud
identificeerde u tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
identificeerde u tweede persoon, verleden tijd, meervoud
identificeerde zich derde persoon, verleden tijd, enkelvoud
identificeerde zich/u tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
identificeerde zich/u tweede persoon, verleden tijd, meervoud
identificeerden je tweede persoon, verleden tijd, meervoud
identificeerden ons eerste persoon, verleden tijd, meervoud
identificeerden zich derde persoon, verleden tijd, meervoud
identificeert je tweede persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud
identificeert u tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud
identificeert u tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
identificeert zich derde persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud
identificeert zich/u tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud
identificeert zich/u tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
identificere aanvoegende wijs
identificere zich aanvoegende wijs
identificeren je tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
identificeren ons eerste persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
identificeren zich derde persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
identificerend onvoltooid, deelwoord
is geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben geïdentificeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te identificeren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen identificeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geïdentificeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt geïdentificeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal geïdentificeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geïdentificeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geïdentificeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal geïdentificeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geïdentificeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal geïdentificeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geïdentificeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal identificeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal identificeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal identificeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal me identificeren eerste persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal zich identificeren derde persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal, zult je identificeren tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zich geïdentificeerd hebben verleden tijd
zich identificerend onvoltooid, deelwoord
zijn geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geïdentificeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou geïdentificeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geïdentificeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geïdentificeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou geïdentificeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geïdentificeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou geïdentificeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geïdentificeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geïdentificeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geïdentificeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou identificeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou identificeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou identificeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geïdentificeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geïdentificeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geïdentificeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geïdentificeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden geïdentificeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden geïdentificeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geïdentificeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geïdentificeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geïdentificeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden identificeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden identificeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden identificeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geïdentificeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geïdentificeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geïdentificeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt identificeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geïdentificeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geïdentificeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geïdentificeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geïdentificeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon

Herkomst

waarschijnlijk ontleend aan Duits identifizieren, naar het voorbeeld uit middeleeuws Latijn identificare “tot hetzelfde maken”, “doen gelijken op”) vernederlandst met "-ficeren" zoals in falsificeren en specificeren ; in de moderne betekenis van ‘de identiteit vaststellen’ voor het eerst aangetroffen in 1824 **[5] leenvertaling van Engels identify

Woordfamilie van identificeren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geïdentificeerd voltooid deelwoord identificeren
geïdentificeerde woordvorm identificeren
identificeer gebiedende wijs identificeren
identificeerde verleden tijd identificeren
identificeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon identificeren
identificeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon identificeren
identificere aanvoegende wijs identificeren
identificerend onvoltooid deelwoord identificeren
identificerende woordvorm identificeren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van identificeren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over identificeren

Hoe spreek ik identificeren uit?
Zo spreek je identificeren uit: /ˌidɛntifiˈserə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van identificeren?
Identificeren is een werkwoord. De betekenis is: de identiteit van iets vaststellen. In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik identificeren?
Zo vervoeg je identificeren zo: de tegenwoordige tijd is identificeer, de verleden tijd is identificeerde en het voltooid deelwoord is geïdentificeerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op identificeren?

Op identificeren rijmen 395 woorden, onder andere abonneren, controleren en centrifugeren. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Nog 60 rijmwoorden

Er zijn er 395 in totaal; hier staan de kortste 100.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord identificeren is 23 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. I 1
  2. D 2
  3. E 1
  4. N 1
  5. T 2
  6. I 1
  7. F 4
  8. I 1
  9. C 5
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 23 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

identificeren levert met Wordfeud minimaal 26 en maximaal 108 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. I 2
  2. D 2
  3. E 1
  4. N 1
  5. T 2
  6. I 2
  7. F 4
  8. I 2
  9. C 5
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 26 zonder bonus
  15. 108 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

identificeren in het kort

identificeren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van identificeren staan er 103 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort identificeren bij een woordfamilie van 9 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

identificeren: de identiteit van iets vaststellen
Deel identificeren — standaardnederlands.nl