Naar de inhoud

wegconcurreren

een andere aanbieder zijn marktaandeel laten verliezen door een product veel aantrekkelijker aan te bieden

wegconcurreren

werkwoord ˈwɛxkɔŋkyˌrerə(n)

Betekenis

  1. een andere aanbieder zijn marktaandeel laten verliezen door een product veel aantrekkelijker aan te bieden

Hoe spreek je wegconcurreren uit?

/ˈwɛxkɔŋkyˌrerən/

Wegconcurreren bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈwɛxkɔŋkyˌrerən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
w quiz
ɛ bed
x acht
k kat
ɔ bot
ŋ ding
y fuut
r rood
e veel
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint
ˌ een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon

Vervoeging van wegconcurreren

wegconcurrerenhele werkwoord — concurreerde wegverleden tijd enkelvoud — concurreerden wegverleden tijd meervoud — weggeconcurreerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik concurreer weg concurreerde weg
jij concurreert weg concurreerde weg
hij, zij, het concurreert weg concurreerde weg
wij concurreren weg concurreerden weg
jullie concurreren weg concurreerden weg
zij concurreren weg concurreerden weg
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
concurreer weg gebiedende wijs
concurreerde weg verleden tijd
er is weggeconcurreerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was weggeconcurreerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd weggeconcurreerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt weggeconcurreerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal weggeconcurreerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal weggeconcurreerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou weggeconcurreerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou weggeconcurreerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben weggeconcurreerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben weggeconcurreerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen wegconcurreren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was weggeconcurreerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
weg te concurreren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
weg te zullen concurreren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
weg zal concurreren bijzin, toekomende tijd
weg zou concurreren bijzin, voorwaardelijk
weg zouden concurreren bijzin, voorwaardelijk
weg zoudt concurreren bijzin, voorwaardelijk
weg zullen concurreren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
weg zullen concurreren bijzin, toekomende tijd
weg zult concurreren bijzin, toekomende tijd
wegconcurreer bijzin, tegenwoordige tijd
wegconcurreerde bijzin, verleden tijd
wegconcurreerden bijzin, verleden tijd
wegconcurreert bijzin, tegenwoordige tijd
wegconcurrerend onvoltooid, deelwoord
weggeconcurreerd verleden tijd, deelwoord
weggeconcurreerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
weggeconcurreerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
weggeconcurreerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
weggeconcurreerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
weggeconcurreerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
weggeconcurreerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
weggeconcurreerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
weggeconcurreerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
weggeconcurreerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
weggeconcurreerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
werd weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt weggeconcurreerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal wegconcurreren bijzin, toekomende tijd
zal weggeconcurreerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal weggeconcurreerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal weggeconcurreerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal weggeconcurreerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal weggeconcurreerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal weggeconcurreerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal weggeconcurreerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt weggeconcurreerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou wegconcurreren bijzin, voorwaardelijk
zou weggeconcurreerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou weggeconcurreerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou weggeconcurreerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou weggeconcurreerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou weggeconcurreerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou weggeconcurreerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou weggeconcurreerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou weggeconcurreerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou weggeconcurreerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) wegconcurreren weg zou(dt) concurreren bijzin, voorwaardelijk
zouden wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden wegconcurreren bijzin, voorwaardelijk
zouden weggeconcurreerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden weggeconcurreerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden weggeconcurreerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden weggeconcurreerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden weggeconcurreerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden weggeconcurreerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden weggeconcurreerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden weggeconcurreerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden weggeconcurreerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt wegconcurreren bijzin, voorwaardelijk
zoudt weggeconcurreerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt weggeconcurreerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt weggeconcurreerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen wegconcurreren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen wegconcurreren bijzin, toekomende tijd
zullen weggeconcurreerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen weggeconcurreerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen weggeconcurreerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen weggeconcurreerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen weggeconcurreerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen weggeconcurreerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen weggeconcurreerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen weggeconcurreerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen weggeconcurreerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult wegconcurreren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van weg bw en concurreren ww

Woordfamilie van wegconcurreren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
concurreer weg gebiedende wijs wegconcurreren
concurreerde weg verleden tijd wegconcurreren
concurreerden weg aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon wegconcurreren
concurreert weg aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon wegconcurreren
concurrere weg woordvorm wegconcurreren
concurreren weg aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon wegconcurreren
wegconcurreer subordinate-clause, tegenwoordige tijd wegconcurreren
wegconcurreerde subordinate-clause, verleden tijd wegconcurreren
wegconcurreerden subordinate-clause, verleden tijd wegconcurreren
wegconcurreert subordinate-clause, tegenwoordige tijd wegconcurreren
wegconcurrere with-subordinate-clause wegconcurreren
wegconcurrerend onvoltooid deelwoord wegconcurreren
wegconcurrerende woordvorm wegconcurreren
weggeconcurreerd voltooid deelwoord wegconcurreren
weggeconcurreerde woordvorm wegconcurreren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van wegconcurreren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over wegconcurreren

Hoe spreek je wegconcurreren uit?
De uitspraak van wegconcurreren is: /ˈwɛxkɔŋkyˌrerə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent wegconcurreren?
Wegconcurreren is een werkwoord. Het woord betekent: een andere aanbieder zijn marktaandeel laten verliezen door een product veel aantrekkelijker aan te bieden.
Hoe vervoeg je wegconcurreren?
Je vervoegt wegconcurreren als volgt: het voltooid deelwoord is weggeconcurreerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op wegconcurreren?

Op wegconcurreren rijmen 395 woorden, onder andere abonneren, controleren en centrifugeren. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Nog 60 rijmwoorden

Er zijn er 395 in totaal; hier staan de kortste 100.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord wegconcurreren is 34 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. W 5
  2. E 1
  3. G 3
  4. C 5
  5. O 1
  6. N 1
  7. C 5
  8. U 4
  9. R 2
  10. R 2
  11. E 1
  12. R 2
  13. E 1
  14. N 1
  15. 34 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

wegconcurreren levert met Wordfeud minimaal 32 en maximaal 126 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. W 5
  2. E 1
  3. G 3
  4. C 5
  5. O 1
  6. N 1
  7. C 5
  8. U 2
  9. R 2
  10. R 2
  11. E 1
  12. R 2
  13. E 1
  14. N 1
  15. 32 zonder bonus
  16. 126 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (W) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

wegconcurreren in het kort

wegconcurreren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van wegconcurreren zijn 88 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort wegconcurreren bij een woordfamilie van 15 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

wegconcurreren: een andere aanbieder zijn marktaandeel laten verliezen door een product veel aantrekkelijker aan te bieden
Deel wegconcurreren — standaardnederlands.nl