penetreren
werkwoord ˌpenəˈtrerə(n)Betekenis
- diep in iets doordringen, binnendringen
Hoe spreek je penetreren uit?
/ˌpenəˈtrerən/
Penetreren bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| e | veel |
| n | nek |
| ə | de |
| t | tak |
| r | rood |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
werkwoord
- seks hebben door met een penis of dildo het lichaam van de partner binnen te gaan
Vervoeging van penetreren
penetrerenhele werkwoord — penetreerdeverleden tijd enkelvoud — penetreerdenverleden tijd meervoud — gepenetreerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | penetreer | penetreerde |
| jij | penetreert | penetreerde |
| hij, zij, het | penetreert | penetreerde |
| wij | penetreren | penetreerden |
| jullie | penetreren | penetreerden |
| zij | penetreren | penetreerden |
Alle 64 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ben gepenetreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gepenetreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gepenetreerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gepenetreerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gepenetreerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gepenetreerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gepenetreerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gepenetreerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gepenetreerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gepenetreerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gepenetreerd | verleden tijd, deelwoord |
| gepenetreerd te zullen zijn | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gepenetreerd zullen zijn | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| is gepenetreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gepenetreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| penetreer | gebiedende wijs |
| penetreerde | verleden tijd |
| penetrere | aanvoegende wijs |
| penetrerend | onvoltooid, deelwoord |
| te penetreren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zijn gepenetreerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen penetreren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gepenetreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gepenetreerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gepenetreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gepenetreerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gepenetreerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gepenetreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gepenetreerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| zal gepenetreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gepenetreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gepenetreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gepenetreerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| zijn gepenetreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gepenetreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gepenetreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gepenetreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gepenetreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gepenetreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gepenetreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gepenetreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gepenetreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gepenetreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gepenetreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gepenetreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gepenetreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gepenetreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen penetreren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gepenetreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult penetreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
met het achtervoegsel -eren van Frans pénétrer ww , in de betekenis van ‘doordringen’ voor het eerst aangetroffen in 1636
Woordfamilie van penetreren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gepenetreerd | voltooid deelwoord | penetreren |
| gepenetreerde | woordvorm | penetreren |
| penetreer | gebiedende wijs | penetreren |
| penetreerde | verleden tijd | penetreren |
| penetreerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | penetreren |
| penetreert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | penetreren |
| penetrere | aanvoegende wijs | penetreren |
| penetrerend | onvoltooid deelwoord | penetreren |
| penetrerende | woordvorm | penetreren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van penetreren zijn vastgelegd.