Naar de inhoud

globaliseren

veralgemeniseren, generaliseren

globaliseren

werkwoord ɣlobaliˈzerə(n)

Betekenis

  1. veralgemeniseren, generaliseren
  2. uitbreiden over de hele wereld, mondialiseren
  3. integreren

Hoe spreek je globaliseren uit?

/xlobaliˈzerən/

Globaliseren bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de vierde.

De tekens in /xlobaliˈzerən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
x acht
l land
o boot
b bak
a maan
i riet
z zon
e veel
r rood
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van globaliseren

globaliserenhele werkwoord — globaliseerdeverleden tijd enkelvoud — globaliseerdenverleden tijd meervoud — geglobaliseerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik globaliseer globaliseerde
jij globaliseert globaliseerde
hij, zij, het globaliseert globaliseerde
wij globaliseren globaliseerden
jullie globaliseren globaliseerden
zij globaliseren globaliseerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is geglobaliseerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geglobaliseerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geglobaliseerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geglobaliseerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geglobaliseerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geglobaliseerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geglobaliseerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geglobaliseerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geglobaliseerd verleden tijd, deelwoord
geglobaliseerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geglobaliseerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geglobaliseerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geglobaliseerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
geglobaliseerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geglobaliseerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geglobaliseerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geglobaliseerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
geglobaliseerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
geglobaliseerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
globaliseer gebiedende wijs
globaliseerde verleden tijd
globalisere aanvoegende wijs
globaliserend onvoltooid, deelwoord
had geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geglobaliseerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te globaliseren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben geglobaliseerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen globaliseren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geglobaliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt geglobaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal geglobaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geglobaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geglobaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal geglobaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geglobaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geglobaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou geglobaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geglobaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geglobaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geglobaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geglobaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geglobaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geglobaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geglobaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geglobaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geglobaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geglobaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geglobaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geglobaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geglobaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geglobaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geglobaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geglobaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geglobaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geglobaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geglobaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen globaliseren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geglobaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geglobaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geglobaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult globaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van het Franse globaliser (met het achtervoegsel -iseren)

Woordfamilie van globaliseren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geglobaliseerd voltooid deelwoord globaliseren
globaliseer gebiedende wijs globaliseren
globaliseerde verleden tijd globaliseren
globaliseerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon globaliseren
globaliseert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon globaliseren
globalisere aanvoegende wijs globaliseren
globaliserend onvoltooid deelwoord globaliseren
globaliserende woordvorm globaliseren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van globaliseren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over globaliseren

Hoe spreek ik globaliseren uit?
Zo spreek je globaliseren uit: /ɣlobaliˈzerə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van globaliseren?
Globaliseren is een werkwoord. De betekenis is: veralgemeniseren, generaliseren. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik globaliseren?
Zo vervoeg je globaliseren zo: de tegenwoordige tijd is globaliseer, de verleden tijd is globaliseerde en het voltooid deelwoord is geglobaliseerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op globaliseren?

Er staan 395 woorden in dit woordenboek die op globaliseren rijmen, waaronder abonneren, controleren en centrifugeren. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Nog 60 rijmwoorden

Er zijn er 395 in totaal; hier staan de kortste 100.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord globaliseren is 22 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. G 3
  2. L 3
  3. O 1
  4. B 3
  5. A 1
  6. L 3
  7. I 1
  8. S 2
  9. E 1
  10. R 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 22 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

globaliseren levert met Wordfeud minimaal 24 en maximaal 96 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. G 3
  2. L 3
  3. O 1
  4. B 4
  5. A 1
  6. L 3
  7. I 2
  8. S 2
  9. E 1
  10. R 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 24 zonder bonus
  14. 96 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

globaliseren in het kort

globaliseren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van globaliseren staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort globaliseren bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

globaliseren: veralgemeniseren, generaliseren
Deel globaliseren — standaardnederlands.nl