Naar de inhoud

fungeren

~ als een bepaalde functie vervullen

fungeren

werkwoord fʏŋˈɣerə(n)

Betekenis

  1. ~ als een bepaalde functie vervullen

Hoe spreek je fungeren uit?

/fʏŋˈxerən/

Fungeren bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /fʏŋˈxerən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
f fiets
ʏ put
ŋ ding
x acht
e veel
r rood
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van fungeren

fungerenhele werkwoord — fungeerdeverleden tijd enkelvoud — fungeerdenverleden tijd meervoud — gefungeerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik fungeer fungeerde
jij fungeert fungeerde
hij, zij, het fungeert fungeerde
wij fungeren fungeerden
jullie fungeren fungeerden
zij fungeren fungeerden
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gefungeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gefungeerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gefungeerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gefungeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gefungeerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gefungeerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gefungeerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gefungeerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
fungeer gebiedende wijs
fungeerde verleden tijd
fungere aanvoegende wijs
fungerend onvoltooid, deelwoord
gefungeerd verleden tijd, deelwoord
gefungeerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gefungeerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gefungeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gefungeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gefungeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gefungeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gefungeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gefungeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gefungeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gefungeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gefungeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gefungeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gefungeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gefungeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gefungeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gefungeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gefungeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te fungeren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gefungeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen fungeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal fungeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal fungeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal fungeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gefungeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gefungeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gefungeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou fungeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou fungeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou fungeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gefungeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gefungeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gefungeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden fungeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden fungeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden fungeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gefungeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gefungeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gefungeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt fungeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gefungeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen fungeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen fungeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen fungeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen fungeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gefungeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gefungeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gefungeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult fungeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gefungeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘de dienst verrichten van’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1658

Woordfamilie van fungeren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
fungeer gebiedende wijs fungeren
fungeerde verleden tijd fungeren
fungeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon fungeren
fungeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon fungeren
fungere aanvoegende wijs fungeren
fungerend onvoltooid deelwoord fungeren
fungerende woordvorm fungeren
gefungeerd voltooid deelwoord fungeren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van fungeren zijn vastgelegd.

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over fungeren

Hoe spreek ik fungeren uit?
Zo spreek je fungeren uit: /fʏŋˈɣerə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van fungeren?
Fungeren is een werkwoord. De betekenis is: ~ als een bepaalde functie vervullen.
Hoe vervoeg ik fungeren?
Zo vervoeg je fungeren zo: de tegenwoordige tijd is fungeer, de verleden tijd is fungeerde en het voltooid deelwoord is gefungeerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op fungeren?

In dit woordenboek rijmen 395 woorden op -eren op fungeren, zoals abonneren, controleren en centrifugeren. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Nog 60 rijmwoorden

Er zijn er 395 in totaal; hier staan de kortste 100.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord fungeren is 17 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. F 4
  2. U 4
  3. N 1
  4. G 3
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 17 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

fungeren levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 69 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. F 4
  2. U 2
  3. N 1
  4. G 3
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 15 zonder bonus
  10. 69 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (F) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

fungeren in het kort

fungeren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van fungeren staan er 40 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort fungeren bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

fungeren: ~ als een bepaalde functie vervullen
Deel fungeren — standaardnederlands.nl