converteren
werkwoord /kɔn.vɛr.ˈte.rə(n)/Betekenis
- omzetten van de ene eenheid in de andere
Hoe spreek je converteren uit?
/kɔnvɛrˈterən/
Converteren bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| ɔ | bot |
| n | nek |
| v | vis |
| ɛ | bed |
| r | rood |
| t | tak |
| e | veel |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van converteren
converterenhele werkwoord — converteerdeverleden tijd enkelvoud — converteerdenverleden tijd meervoud — geconverteerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | converteer | converteerde |
| jij | converteert | converteerde |
| hij, zij, het | converteert | converteerde |
| wij | converteren | converteerden |
| jullie | converteren | converteerden |
| zij | converteren | converteerden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| converteer | gebiedende wijs |
| converteerde | verleden tijd |
| convertere | aanvoegende wijs |
| converterend | onvoltooid, deelwoord |
| er is geconverteerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was geconverteerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd geconverteerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt geconverteerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal geconverteerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal geconverteerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou geconverteerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou geconverteerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| geconverteerd | verleden tijd, deelwoord |
| geconverteerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geconverteerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geconverteerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geconverteerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geconverteerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geconverteerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geconverteerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geconverteerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geconverteerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geconverteerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had geconverteerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had geconverteerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had geconverteerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden geconverteerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden geconverteerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden geconverteerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt geconverteerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geconverteerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te converteren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben geconverteerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen converteren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart geconverteerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geconverteerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren geconverteerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geconverteerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was geconverteerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was geconverteerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was geconverteerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt geconverteerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal converteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal converteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal converteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal geconverteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geconverteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal geconverteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal geconverteerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geconverteerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt geconverteerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou converteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou converteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou converteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou geconverteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geconverteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geconverteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geconverteerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geconverteerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geconverteerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden converteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden converteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden converteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden geconverteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geconverteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geconverteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geconverteerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geconverteerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geconverteerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt converteren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt geconverteerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geconverteerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen converteren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen converteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen converteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen converteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen geconverteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geconverteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geconverteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen geconverteerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geconverteerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geconverteerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult converteren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult geconverteerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult geconverteerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult geconverteerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘verwisselen’ voor het eerst aangetroffen in 1505
Woordfamilie van converteren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| converteer | gebiedende wijs | converteren |
| converteerde | verleden tijd | converteren |
| converteerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | converteren |
| converteert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | converteren |
| convertere | aanvoegende wijs | converteren |
| converterend | onvoltooid deelwoord | converteren |
| converterende | woordvorm | converteren |
| geconverteerd | voltooid deelwoord | converteren |
| geconverteerde | woordvorm | converteren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van converteren zijn vastgelegd.