toveraar
zelfstandig naamwoord ˈtovəˌrarBetekenis
- iemand die doet alsof hij zou kunnen toveren
Hoe spreek je toveraar uit?
/ˈtovəˌrar/
Toveraar bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| o | boot |
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| a | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| toveraars | meervoud |
| toveraartje | verkleinwoord, enkelvoud |
| toveraartjes | verkleinwoord, meervoud |
| toveraren | meervoud |
Herkomst
naamwoord van handeling van toveren met het achtervoegsel -aar
Woordfamilie van toveraar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| toveraars | meervoud | toveraar |
| toveraartje | verkleinwoord | toveraar |
| toveraartjes | verkleinwoord meervoud | toveraar |
| toveraren | meervoud | toveraar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van toveraar zijn vastgelegd.