tippelaar
zelfstandig naamwoord ˈtɪpəˌlarBetekenis
- iemand die met kleine pasjes loopt, geoefende wandelaar
- (Bargoens) straatdief
- mannelijke prostitué
Hoe spreek je tippelaar uit?
/ˈtɪpəˌlar/
Tippelaar bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| ɪ | pit |
| p | pak |
| ə | de |
| l | land |
| a | maan |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord — masculine
- zwerver vernacular
- straatdief
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tippelaars | meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van tippelen met het achtervoegsel -aar
Woordfamilie van tippelaar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| tippelaars | meervoud | tippelaar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tippelaar zijn vastgelegd.