studiejaar
zelfstandig naamwoord ˈstydiˌjarBetekenis
- een jaar dat gebruikt is om te studeren
- één van de jaren van een meerjarige sudie
- alle leerlingen die gelijktijdig zijn begonnen met de studie
Hoe spreek je studiejaar uit?
/ˈstydiˌjar/
Studiejaar bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| t | tak |
| y | fuut |
| d | dak |
| i | riet |
| j | ja |
| a | maan |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord — neuter
- periode van 12 maanden, gebruikt is om te studeren
- elk van de perioden van 12 maanden waarin een meerjarig studieprogramma is verdeeld
- periode in het leven dat iemand student is
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| studiejaren | meervoud |
Herkomst
samenstelling van studie en jaar
Woordfamilie van studiejaar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| studiejaren | meervoud | studiejaar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van studiejaar zijn vastgelegd.