soldaat
zelfstandig naamwoord /sɔlˈdaːt/Betekenis
- een militair met de laagste rang binnen de krijgsmacht
- termiet of mier die vooral op roof uitgaat, of het nest verdedigt
- soldaat.
Hoe spreek je soldaat uit?
/sɔlˈdat/
Soldaat bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| ɔ | bot |
| l | land |
| d | dak |
| a | maan |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- krijgsman met de laagste rang binnen een strijdmacht
- soldaat maken: helemaal opeten of opdrinken
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| soldaatje | verkleinwoord, enkelvoud |
| soldaatjes | verkleinwoord, meervoud |
| soldaten | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘militair zonder rang’ voor het eerst aangetroffen in 1562
Woordfamilie van soldaat
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| soldaten | meervoud | soldaat |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van soldaat zijn vastgelegd.