decanaat
zelfstandig naamwoord deka'natBetekenis
- waardigheid, ambt van decaan of deken
- ambtsgebied van een deken
- dienstwoning van een deken, dekenij
- dienst van de decaan van een faculteit
Hoe spreek je decanaat uit?
/dekaˈnat/
Decanaat bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| e | veel |
| k | kat |
| a | maan |
| n | nek |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| decanaten | meervoud |
Herkomst
afgeleid van decaan met het achtervoegsel -aat
Woordfamilie van decanaat
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| decanaten | meervoud | decanaat |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van decanaat zijn vastgelegd.