plaat
zelfstandig naamwoord platBetekenis
- een vlak, plat en vrij dun stuk materiaal, zoals metaal of hout
- meestal verkleinwoord: een afbeelding, meestal gedrukt (door gravering op een metaalplaat)
- grammofoonplaat of cd
- zandplaat, zandbank
Hoe spreek je plaat uit?
/plat/
Plaat bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| l | land |
| a | maan |
| t | tak |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| plaatje | verkleinwoord, enkelvoud |
| plaatjes | verkleinwoord, meervoud |
| platen | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘prent’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1623
Woordfamilie van plaat
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| plaatjes | verkleinwoord meervoud | plaat |
| platen | meervoud | plaat |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van plaat zijn vastgelegd.