donaat
zelfstandig naamwoord doˈnatBetekenis
- Iemand die al zijn bezittingen aan een klooster gegeven heeft en deelneemt aan het kloosterleven, zonder daarvoor eerst de volledige kloostergeloften afgelegd te hebben
Hoe spreek je donaat uit?
/doˈnat/
Donaat bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| o | boot |
| n | nek |
| a | maan |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| donaten | meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van doneren met het achtervoegsel -aat
Woordfamilie van donaat
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| donaten | meervoud | donaat |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van donaat zijn vastgelegd.