Naar de inhoud

slaan

een klap uitdelen; met de arm of een vastgehouden voorwerp een snelle, rakende beweging maken

slaan

werkwoord slan

Betekenis

  1. een klap uitdelen; met de arm of een vastgehouden voorwerp een snelle, rakende beweging maken
  2. het voorbrengen van geluid door ergens op te slaan
  3. ergens plotseling mee beginnen
  4. een stuk van de tegenstander door een bepaalde zet uitschakelen
  5. slaan

Hoe spreek je slaan uit?

/slan/

Slaan bestaat uit één lettergreep.

De tekens in /slan/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
l land
a maan
n nek

Vervoeging van slaan

slaanhele werkwoord — sloegverleden tijd enkelvoud — sloegenverleden tijd meervoud — geslagenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik sla sloeg
jij slaat sloeg
hij, zij, het slaat sloeg
wij slaan sloegen
jullie slaan sloegen
zij slaan sloegen
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is geslagen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geslagen impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geslagen impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geslagen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geslagen worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geslagen zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geslagen worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geslagen zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geslagen verleden tijd, deelwoord
geslagen te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geslagen te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geslagen te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geslagen te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
geslagen te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geslagen worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geslagen zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geslagen zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
geslagen zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
geslagen zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geslagen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geslagen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geslagen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geslagen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geslagen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geslagen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geslagen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geslagen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
sla gebiedende wijs
sla aanvoegende wijs
slaand onvoltooid, deelwoord
sloeg verleden tijd
te hebben geslagen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te slaan actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen slaan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geslagen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geslagen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geslagen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geslagen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geslagen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geslagen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geslagen voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd geslagen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd geslagen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd geslagen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden geslagen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden geslagen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden geslagen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt geslagen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word geslagen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden geslagen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden geslagen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden geslagen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt geslagen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt geslagen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal geslagen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geslagen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geslagen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal geslagen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geslagen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal slaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal slaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal slaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geslagen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou geslagen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geslagen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geslagen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geslagen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geslagen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geslagen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou slaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou slaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou slaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geslagen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geslagen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geslagen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geslagen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geslagen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geslagen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden slaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden slaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden slaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geslagen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geslagen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt slaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geslagen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geslagen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geslagen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geslagen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geslagen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geslagen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen slaan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen slaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen slaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen slaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geslagen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geslagen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geslagen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult slaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Oudnederlands slān, verder te herleiden tot Protogermaans *slahan-. Verwant met Duits schlagen en Engels slay, binnen het Nederlands doublet met slagen en slachten.

Woordfamilie van slaan

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geslagen voltooid deelwoord slaan
slaand onvoltooid deelwoord slaan
slaat aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon slaan
sloeg verleden tijd slaan
sloegen aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon slaan
sloegt aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, enkelvoud, 2e persoon slaan

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van slaan zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over slaan

Hoe spreek ik slaan uit?
Zo spreek je slaan uit: /slan/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van slaan?
Slaan is een werkwoord. De betekenis is: een klap uitdelen; met de arm of een vastgehouden voorwerp een snelle, rakende beweging maken. In totaal staan er 5 betekenissen.
Hoe vervoeg ik slaan?
Zo vervoeg je slaan zo: de tegenwoordige tijd is sla, de verleden tijd is sloeg en het voltooid deelwoord is geslagen. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op slaan?

Er staan 230 woorden in dit woordenboek die op slaan rijmen, waaronder maan, banaan en italiaan. Het gaat om staand rijm: de klank vanaf de laatste beklemtoonde klinker is gelijk.

Rijmwoorden op slaan, uitspraak slan, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
maan 1
banaan 2
italiaan 4
baan 1
haan 1
zwaan 1
baviaan 3
gaan 1
arubaan 3
pelikaan 3
braziliaan 4
afrikaan 3
amerikaan 4
bakbanaan 3
bestaan 2
europeaan 4
cyaan 2
bonairiaan 4
kapelaan 3
colombiaan 4
begaan 2
ondergaan 3
leguaan 3
aan 1
aangedaan 3
graan 1
verslaan 2
verstaan 2
traan 1
beslaan 2
mediaan 3
saffraan 2
vooraan 2
laan 1
ontslaan 2
achteraan 3
staan 1
kraan 1
eraan 2
waaraan 2
Nog 60 rijmwoorden

Er zijn er 230 in totaal; hier staan de kortste 100.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord slaan is 8 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. L 3
  3. A 1
  4. A 1
  5. N 1
  6. 8 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

slaan levert met Wordfeud minimaal 8 en maximaal 42 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. L 3
  3. A 1
  4. A 1
  5. N 1
  6. 8 zonder bonus
  7. 42 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (L) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

slaan telt 5 letters, waarvan 4 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 6.487 woorden van 5 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

slaan in het kort

slaan staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 5 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van slaan staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort slaan bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

slaan: een klap uitdelen; met de arm of een vastgehouden voorwerp een snelle, rakende beweging maken
Deel slaan — standaardnederlands.nl