achteroverslaan
werkwoord ˌɑxtəˈrovərˌslanBetekenis
- in één teug een drankje opdrinken
- achterwaarts vallen, vaak figuurlijk van verbazing
Hoe spreek je achteroverslaan uit?
/ˌɑxtəˈrovərˌslan/
Achteroverslaan bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| x | acht |
| t | tak |
| ə | de |
| r | rood |
| o | boot |
| v | vis |
| s | sok |
| l | land |
| a | maan |
| n | nek |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van achteroverslaan
achteroverslaanhele werkwoord — sloeg achteroververleden tijd enkelvoud — sloegen achteroververleden tijd meervoud — achterovergeslagenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | sla achterover | sloeg achterover |
| jij | slaat achterover | sloeg achterover |
| hij, zij, het | slaat achterover | sloeg achterover |
| wij | slaan achterover | sloegen achterover |
| jullie | slaan achterover | sloegen achterover |
| zij | slaan achterover | sloegen achterover |
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| achterover te slaan | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| achterover te zullen slaan | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| achterover zal slaan | bijzin, toekomende tijd |
| achterover zou slaan | bijzin, voorwaardelijk |
| achterover zouden slaan | bijzin, voorwaardelijk |
| achterover zoudt slaan | bijzin, voorwaardelijk |
| achterover zullen slaan | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| achterover zullen slaan | bijzin, toekomende tijd |
| achterover zult slaan | bijzin, toekomende tijd |
| achterovergeslagen | verleden tijd, deelwoord |
| achterovergeslagen te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| achterovergeslagen te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| achterovergeslagen te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| achterovergeslagen te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| achterovergeslagen te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| achterovergeslagen worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| achterovergeslagen zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| achterovergeslagen zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| achterovergeslagen zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| achterovergeslagen zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| achteroversla | bijzin, tegenwoordige tijd |
| achteroverslaand | onvoltooid, deelwoord |
| achteroverslaat | bijzin, tegenwoordige tijd |
| achteroversloeg | bijzin, verleden tijd |
| achteroversloegen | bijzin, verleden tijd |
| ben achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is achterovergeslagen | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was achterovergeslagen | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd achterovergeslagen | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt achterovergeslagen | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal achterovergeslagen worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal achterovergeslagen zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou achterovergeslagen worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou achterovergeslagen zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben achterovergeslagen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| sla achterover | gebiedende wijs |
| sloeg achterover | verleden tijd |
| te hebben achterovergeslagen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen achteroverslaan | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was achterovergeslagen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt achterovergeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal achterovergeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal achterovergeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal achterovergeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal achterovergeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal achterovergeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal achterovergeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal achterovergeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal achteroverslaan | bijzin, toekomende tijd |
| zijn achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt achterovergeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou achterovergeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou achterovergeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou achterovergeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou achterovergeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou achterovergeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou achterovergeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou achterovergeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou achterovergeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou achterovergeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou achteroverslaan | bijzin, voorwaardelijk |
| zou(dt) achteroverslaan achterover zou(dt) slaan | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden achterovergeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden achterovergeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden achterovergeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden achterovergeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden achterovergeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden achterovergeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden achterovergeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden achterovergeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden achterovergeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden achteroverslaan | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt achterovergeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt achterovergeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt achterovergeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt achteroverslaan | bijzin, voorwaardelijk |
| zullen achterovergeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen achterovergeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen achterovergeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen achterovergeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen achterovergeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen achterovergeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen achterovergeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen achterovergeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen achterovergeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen achteroverslaan | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen achteroverslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen achteroverslaan | bijzin, toekomende tijd |
| zult achterovergeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
samenstelling van achterover bw en slaan ww
Woordfamilie van achteroverslaan
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| achterovergeslagen | voltooid deelwoord | achteroverslaan |
| achteroversla | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | achteroverslaan |
| achteroverslaand | onvoltooid deelwoord | achteroverslaan |
| achteroverslaande | woordvorm | achteroverslaan |
| achteroverslaat | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | achteroverslaan |
| achteroversloeg | subordinate-clause, verleden tijd | achteroverslaan |
| achteroversloegen | subordinate-clause, verleden tijd | achteroverslaan |
| sla achterover | gebiedende wijs | achteroverslaan |
| slaan achterover | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | achteroverslaan |
| slaat achterover | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | achteroverslaan |
| sloeg achterover | verleden tijd | achteroverslaan |
| sloegen achterover | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | achteroverslaan |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van achteroverslaan zijn vastgelegd.