Naar de inhoud

slagen

~ in: iets bereiken

slagen is meer dan één woord

slagen

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈslaɣə(n)

Betekenis

  1. ~ in: iets bereiken
  2. het examen succesvol beëindigen
  3. goed aflopen

Hoe spreek je slagen uit?

/ˈslaxən/

Slagen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈslaxən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
l land
a maan
x acht
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. goed aflopen; succesvol aflopen ergative
  2. iets succesvol afsluiten

Vervoeging van slagen

slagenhele werkwoord — slaagdeverleden tijd enkelvoud — slaagdenverleden tijd meervoud — geslaagdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik slaag slaagde
jij slaagt slaagde
hij, zij, het slaagt slaagde
wij slagen slaagden
jullie slagen slaagden
zij slagen slaagden
Alle 56 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ben geslaagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geslaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
ev. gebiedende wijs
geslaagd verleden tijd, deelwoord
geslaagd te zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geslaagd zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
is geslaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geslaagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
slaag gebiedende wijs
slaagde verleden tijd
slage aanvoegende wijs
slagend onvoltooid, deelwoord
te slagen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zijn geslaagd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen slagen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geslaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geslaagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geslaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geslaagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geslaagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geslaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geslaagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
zal geslaagd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geslaagd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geslaagd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal slagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal slagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal slagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn geslaagd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn geslaagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geslaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geslaagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geslaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou geslaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geslaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geslaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou slagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou slagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou slagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geslaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geslaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geslaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden slagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden slagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden slagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geslaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt slagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geslaagd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geslaagd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geslaagd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen slagen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen slagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen slagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen slagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geslaagd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult slagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord slag

Herkomst

In de betekenis van ‘gelukken’ voor het eerst aangetroffen in 1596

Woordfamilie van slagen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
slaagde verleden tijd slagen
slaagden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon slagen
slaagt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon slagen
slage aanvoegende wijs slagen
slagend onvoltooid deelwoord slagen
slagende woordvorm slagen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van slagen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over slagen

Hoe spreek ik slagen uit?
Zo spreek je slagen uit: /ˈslaɣə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van slagen?
Slagen is een werkwoord. De betekenis is: ~ in: iets bereiken. In totaal staan er 5 betekenissen.
Hoe vervoeg ik slagen?
Zo vervoeg je slagen zo: de tegenwoordige tijd is slaag, de verleden tijd is slaagde en het voltooid deelwoord is geslaagd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op slagen?

Slagen rijmt op 53 woorden op -agen; aanhangwagen, verlagen en jagen bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op slagen, uitspraak ˈslaxən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
aanhangwagen 4
verlagen 3
jagen 2
dragen 2
vragen 2
verdragen 3
wagen 2
zagen 2
bedragen 3
aangeslagen 4
terneergeslagen 5
behagen 3
gedragen 3
misdragen 3
dagen 2
klagen 2
vuilniswagen 4
knagen 2
beklagen 3
ondervragen 4
versagen 3
ziekenwagen 4
verdagen 3
ragen 2
wandelwagen 4
zelfbehagen 5
klassewagen 4
pipowagen 4
reportagewagen 6
welbehagen 4
ossenwagen 4
voldragen 3
aangedragen 4
afgedragen 4
herzagen 3
infodagen 4
jurywagen 4
kermiswagen 4
lagen 2
losgeslagen 4
Nog 13 rijmwoorden
lubbenkragen 4
molenkragen 4
molensteenkragen 5
onderzoeksvragen 5
ontzagen 3
ooggetuigenverslagen 7
processiedagen 5
regenvlagen 4
sarcofagen 4
stapelwagen 4
subonderzoeksvragen 6
verslagen 3
vlagen 2

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord slagen is 11 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. L 3
  3. A 1
  4. G 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 11 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

slagen levert met Wordfeud minimaal 11 en maximaal 51 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. L 3
  3. A 1
  4. G 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 11 zonder bonus
  8. 51 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (L) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

slagen telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

slagen in het kort

slagen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 5 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van slagen staan er 33 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort slagen bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

slagen: ~ in: iets bereiken
Deel slagen — standaardnederlands.nl