tailleband
zelfstandig naamwoord ˈtɑjəˌbɑntBetekenis
- band gemaakt van ijzerdraad, baleinen en elastiek die men gebruikt als een gordel om het middel
- band die men draagt om de taille
Hoe spreek je tailleband uit?
/ˈtɑjəˌbɑnt/
Tailleband bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| ɑ | bad |
| j | ja |
| ə | de |
| b | bak |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| taillebanden | meervoud |
Herkomst
samenstelling van taille zn en band zn
Woordfamilie van tailleband
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| taillebanden | meervoud | tailleband |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tailleband zijn vastgelegd.