externaat
zelfstandig naamwoord ˌɛkstɛrˈnatBetekenis
- meerdaagse activiteit voor kinderen waar de kinderen niet overnachten
- onderwijsvorm waarbij leerlingen overdag worden onderwezen, maar 's avonds thuis overnachten
Hoe spreek je externaat uit?
/ˌɛkstɛrˈnat/
Externaat bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɛ | bed |
| k | kat |
| s | sok |
| t | tak |
| r | rood |
| n | nek |
| a | maan |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| externaten | meervoud |
Herkomst
afgeleid van Frans externat zn ; op te vatten als afgeleid van extern met het achtervoegsel -aat
Woordfamilie van externaat
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| externaten | meervoud | externaat |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van externaat zijn vastgelegd.