Naar de inhoud

doneren

een gift geven

doneren

werkwoord

Betekenis

  1. een gift geven

Vervoeging van doneren

donerenhele werkwoord — doneerdeverleden tijd enkelvoud — doneerdenverleden tijd meervoud — gedoneerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik doneer doneerde
jij doneert doneerde
hij, zij, het doneert doneerde
wij doneren doneerden
jullie doneren doneerden
zij doneren doneerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
doneer gebiedende wijs
doneerde verleden tijd
donere aanvoegende wijs
donerend onvoltooid, deelwoord
er is gedoneerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gedoneerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gedoneerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gedoneerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gedoneerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gedoneerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gedoneerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gedoneerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gedoneerd verleden tijd, deelwoord
gedoneerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gedoneerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gedoneerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedoneerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedoneerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedoneerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gedoneerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gedoneerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gedoneerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gedoneerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gedoneerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gedoneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gedoneerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gedoneerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gedoneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gedoneerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gedoneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gedoneerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te doneren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gedoneerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen doneren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gedoneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gedoneerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gedoneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gedoneerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gedoneerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gedoneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gedoneerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gedoneerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal doneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal doneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal doneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gedoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gedoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gedoneerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedoneerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gedoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou doneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou doneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou doneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gedoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedoneerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedoneerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedoneerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden doneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden doneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden doneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gedoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gedoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gedoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gedoneerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gedoneerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gedoneerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt doneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gedoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gedoneerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen doneren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen doneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen doneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen doneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gedoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gedoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gedoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gedoneerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gedoneerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gedoneerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult doneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gedoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gedoneerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gedoneerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘geven’ voor het eerst aangetroffen in 1562

Woordfamilie van doneren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
doneer gebiedende wijs doneren
doneerde verleden tijd doneren
doneerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon doneren
doneert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon doneren
donere aanvoegende wijs doneren
donerend onvoltooid deelwoord doneren
donerende woordvorm doneren
gedoneerd voltooid deelwoord doneren
gedoneerde woordvorm doneren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van doneren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over doneren

Wat betekent doneren?
Doneren is een werkwoord. Het woord betekent: een gift geven.
Hoe vervoeg je doneren?
Je vervoegt doneren als volgt: de tegenwoordige tijd is doneer, de verleden tijd is doneerde en het voltooid deelwoord is gedoneerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord doneren is 9 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. D 2
  2. O 1
  3. N 1
  4. E 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 9 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

doneren levert met Wordfeud minimaal 9 en maximaal 79 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. D 2
  2. O 1
  3. N 1
  4. E 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 9 zonder bonus
  9. 79 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (D) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

doneren telt 7 letters, waarvan 5 verschillende, want 2 letters komen er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

doneren in het kort

doneren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van doneren zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort doneren bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

doneren: een gift geven
Deel doneren — standaardnederlands.nl