assignaat
zelfstandig naamwoord ɑsɪˈɲatBetekenis
- papiergeld door de Franse overheid uitgegeven tussen 1792 en 1797 waarbij de onteigende kerkelijke bezittingen dienden als onderpand
Hoe spreek je assignaat uit?
/ɑsɪˈnjat/
Assignaat bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| s | sok |
| ɪ | pit |
| n | nek |
| j | ja |
| a | maan |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| assignaten | meervoud |
Herkomst
uit het Frans
Woordfamilie van assignaat
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| assignaten | meervoud | assignaat |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van assignaat zijn vastgelegd.