dictatuur
zelfstandig naamwoord dɪkta'tyrBetekenis
- staatsvorm waarbij de macht vrijwel volledig in handen van één of enkele personen ligt
- meedogenloze overheersing
Hoe spreek je dictatuur uit?
/dɪktaˈtyr/
Dictatuur bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɪ | pit |
| k | kat |
| t | tak |
| a | maan |
| y | fuut |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord
- staatsvorm waarbij de macht vrijwel volledig in handen van een of enkele personen ligt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dictaturen | meervoud |
| dictatuurtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| dictatuurtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans of Latijn, in de betekenis van ‘regering door dictator’ voor het eerst aangetroffen in 1850
Woordfamilie van dictatuur
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dictaturen | meervoud | dictatuur |
| dictatuurtje | verkleinwoord | dictatuur |
| dictatuurtjes | verkleinwoord meervoud | dictatuur |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dictatuur zijn vastgelegd.