avontuur
zelfstandig naamwoord, werkwoord avɔn'tyrBetekenis
- een onderneming waarvan de uitkomst niet bij voorbaat vaststaat, onverwacht gebeurt en gevaarlijk zijn
Hoe spreek je avontuur uit?
/avɔnˈtyr/
Avontuur bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| a | maan |
| v | vis |
| ɔ | bot |
| n | nek |
| t | tak |
| y | fuut |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| avonturen | meervoud |
| avontuurtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| avontuurtjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van avonturen
- gebiedende wijs van avonturen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van avonturen
Vervoeging van avontuur
avontuurhele werkwoord
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘lotgeval’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1236