beroepsstructuur
zelfstandig naamwoord bəˈrupstrʏkˌtyrBetekenis
- structuur van de bevolking gecatologiseerd volgens de beroepen
Hoe spreek je beroepsstructuur uit?
/bəˈrupstrʏkˌtyr/
Beroepsstructuur bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ə | de |
| r | rood |
| u | boek |
| p | pak |
| s | sok |
| t | tak |
| ʏ | put |
| k | kat |
| y | fuut |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| beroepsstructuren | meervoud |
Herkomst
samenstelling van beroep en structuur met het invoegsel -s-
Woordfamilie van beroepsstructuur
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| beroepsstructuren | meervoud | beroepsstructuur |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van beroepsstructuur zijn vastgelegd.