Naar de inhoud

achteroverleunen

naar achteren leunen

achteroverleunen

werkwoord

Betekenis

  1. naar achteren leunen
  2. geen actie ondernemen, werkeloos toezien

werkwoord

  1. geen actie ondernemen, lijdzaam/werkeloos toezien figuratively, intransitive

Vervoeging van achteroverleunen

achteroverleunenhele werkwoord — leunde achteroververleden tijd enkelvoud — leunden achteroververleden tijd meervoud — achterovergeleundvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik leun achterover leunde achterover
jij leunt achterover leunde achterover
hij, zij, het leunt achterover leunde achterover
wij leunen achterover leunden achterover
jullie leunen achterover leunden achterover
zij leunen achterover leunden achterover
Alle 74 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
achterover te leunen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
achterover te zullen leunen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
achterover zal leunen bijzin, toekomende tijd
achterover zou leunen bijzin, voorwaardelijk
achterover zouden leunen bijzin, voorwaardelijk
achterover zoudt leunen bijzin, voorwaardelijk
achterover zullen leunen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
achterover zullen leunen bijzin, toekomende tijd
achterover zult leunen bijzin, toekomende tijd
achterovergeleund verleden tijd, deelwoord
achterovergeleund te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
achterovergeleund zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
achteroverleun bijzin, tegenwoordige tijd
achteroverleunde bijzin, verleden tijd
achteroverleunden bijzin, verleden tijd
achteroverleunend onvoltooid, deelwoord
achteroverleunt bijzin, tegenwoordige tijd
ev. gebiedende wijs
had achterovergeleund voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had achterovergeleund voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had achterovergeleund voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden achterovergeleund voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden achterovergeleund voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden achterovergeleund voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt achterovergeleund voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb achterovergeleund voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben achterovergeleund actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben achterovergeleund voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben achterovergeleund voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben achterovergeleund voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt achterovergeleund voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft achterovergeleund voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft achterovergeleund voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
leun achterover gebiedende wijs
leunde achterover verleden tijd
te hebben achterovergeleund actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen achteroverleunen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal achterovergeleund hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal achterovergeleund hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal achterovergeleund hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal achteroverleunen bijzin, toekomende tijd
zou achterovergeleund hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou achterovergeleund hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou achterovergeleund hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou achteroverleunen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) achteroverleunen achterover zou(dt) leunen bijzin, voorwaardelijk
zouden achterovergeleund hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden achterovergeleund hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden achterovergeleund hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden achteroverleunen bijzin, voorwaardelijk
zoudt achterovergeleund hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt achteroverleunen bijzin, voorwaardelijk
zullen achterovergeleund hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen achterovergeleund hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen achterovergeleund hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen achteroverleunen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen achteroverleunen bijzin, toekomende tijd
zult achterovergeleund hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult achteroverleunen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult achteroverleunen bijzin, toekomende tijd
zult/zal achteroverleunen achterover zult/zal leunen bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van achterover bw en leunen ww

Woordfamilie van achteroverleunen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
achterovergeleund voltooid deelwoord achteroverleunen
achterovergeleunde woordvorm achteroverleunen
achteroverleun subordinate-clause, tegenwoordige tijd achteroverleunen
achteroverleunde subordinate-clause, verleden tijd achteroverleunen
achteroverleunden subordinate-clause, verleden tijd achteroverleunen
achteroverleune with-subordinate-clause achteroverleunen
achteroverleunend onvoltooid deelwoord achteroverleunen
achteroverleunende woordvorm achteroverleunen
achteroverleunt subordinate-clause, tegenwoordige tijd achteroverleunen
leun achterover gebiedende wijs achteroverleunen
leunde achterover verleden tijd achteroverleunen
leunden achterover aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon achteroverleunen
leune achterover woordvorm achteroverleunen
leunen achterover aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon achteroverleunen
leunt achterover aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon achteroverleunen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van achteroverleunen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over achteroverleunen

Wat betekent achteroverleunen?
Achteroverleunen is een werkwoord. Het woord betekent: naar achteren leunen. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je achteroverleunen?
Je vervoegt achteroverleunen als volgt: het voltooid deelwoord is achterovergeleund. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord achteroverleunen is 34 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. C 5
  3. H 4
  4. T 2
  5. E 1
  6. R 2
  7. O 1
  8. V 4
  9. E 1
  10. R 2
  11. L 3
  12. E 1
  13. U 4
  14. N 1
  15. E 1
  16. N 1
  17. 34 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

achteroverleunen levert met Wordfeud minimaal 32 en maximaal 126 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. C 5
  3. H 4
  4. T 2
  5. E 1
  6. R 2
  7. O 1
  8. V 4
  9. E 1
  10. R 2
  11. L 3
  12. E 1
  13. U 2
  14. N 1
  15. E 1
  16. N 1
  17. 32 zonder bonus
  18. 126 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

achteroverleunen in het kort

achteroverleunen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van achteroverleunen zijn 45 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort achteroverleunen bij een woordfamilie van 15 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

achteroverleunen: naar achteren leunen
Deel achteroverleunen — standaardnederlands.nl