Naar de inhoud

onderstaan

onder water staan

onderstaan

werkwoord ˈɔndərˌstan

Betekenis

  1. onder water staan

Hoe spreek je onderstaan uit?

/ˈɔndərˌstan/

Onderstaan bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈɔndərˌstan/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
ɔ bot
n nek
d dak
ə de
r rood
s sok
t tak
a maan
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint
ˌ een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon

Vervoeging van onderstaan

onderstaanhele werkwoord — onderstondverleden tijd enkelvoud — onderstondenverleden tijd meervoud — ondergestaanvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik ondersta onderstond
jij onderstaat onderstond
hij, zij, het onderstaat onderstond
wij staan onder onderstonden
jullie staan onder onderstonden
zij staan onder onderstonden
Alle 124 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
[A] ónderstaan canonical
ev. gebiedende wijs
had ondergestaan voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had ondergestaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had ondergestaan voltooid, verleden tijd, derde persoon
had onderstaan voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had onderstaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had onderstaan voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden ondergestaan voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden ondergestaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden ondergestaan voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden onderstaan voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden onderstaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden onderstaan voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt ondergestaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadt onderstaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
heb onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ondergestaan actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebben onderstaan actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebt onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
heeft onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
onder te staan actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
onder te zullen staan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
onder zal staan bijzin, toekomende tijd
onder zou staan bijzin, voorwaardelijk
onder zouden staan bijzin, voorwaardelijk
onder zoudt staan bijzin, voorwaardelijk
onder zullen staan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
onder zullen staan bijzin, toekomende tijd
onder zult staan bijzin, toekomende tijd
ondergestaan verleden tijd, deelwoord
ondergestaan te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ondergestaan zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
ondersta gebiedende wijs
ondersta aanvoegende wijs
ondersta bijzin, tegenwoordige tijd
onderstaan te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
onderstaan zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
onderstaand onvoltooid, deelwoord
onderstaat bijzin, tegenwoordige tijd
onderstond bijzin, verleden tijd
onderstonden bijzin, verleden tijd
sta onder gebiedende wijs
stond onder verleden tijd
te hebben ondergestaan actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben onderstaan actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te onderstaan actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen onderstaan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal onderstaan bijzin, toekomende tijd
zal onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou onderstaan bijzin, voorwaardelijk
zou onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) onderstaan onder zou(dt) staan bijzin, voorwaardelijk
zouden ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden onderstaan bijzin, voorwaardelijk
zouden onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt onderstaan bijzin, voorwaardelijk
zoudt onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen onderstaan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen onderstaan bijzin, toekomende tijd
zullen onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult onderstaan bijzin, toekomende tijd
zult onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult/zal onderstaan onder zult/zal staan bijzin, toekomende tijd

werkwoord

  1. lijden, verduren, ondergaan# voltooid deelwoord van onderstaan

Vervoeging van onderstaan

onderstaanhele werkwoord — onderstondverleden tijd enkelvoud — onderstondenverleden tijd meervoud — ondergestaanvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik ondersta onderstond
jij onderstaat onderstond
hij, zij, het onderstaat onderstond
wij staan onder onderstonden
jullie staan onder onderstonden
zij staan onder onderstonden
Alle 125 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
[B] onderstáán canonical
ev. gebiedende wijs
had ondergestaan voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had ondergestaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had ondergestaan voltooid, verleden tijd, derde persoon
had onderstaan voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had onderstaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had onderstaan voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden ondergestaan voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden ondergestaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden ondergestaan voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden onderstaan voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden onderstaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden onderstaan voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt ondergestaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadt onderstaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
heb onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ondergestaan actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebben onderstaan actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebt onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ondergestaan voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
heeft onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft onderstaan voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
onder te staan actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
onder te zullen staan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
onder zal staan bijzin, toekomende tijd
onder zou staan bijzin, voorwaardelijk
onder zouden staan bijzin, voorwaardelijk
onder zoudt staan bijzin, voorwaardelijk
onder zullen staan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
onder zullen staan bijzin, toekomende tijd
onder zult staan bijzin, toekomende tijd
ondergestaan verleden tijd, deelwoord
ondergestaan te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ondergestaan zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
ondersta gebiedende wijs
ondersta aanvoegende wijs
ondersta bijzin, tegenwoordige tijd
onderstaan verleden tijd, deelwoord
onderstaan te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
onderstaan zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
onderstaand onvoltooid, deelwoord
onderstaat bijzin, tegenwoordige tijd
onderstond verleden tijd
onderstond bijzin, verleden tijd
onderstonden bijzin, verleden tijd
sta onder gebiedende wijs
te hebben ondergestaan actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben onderstaan actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te onderstaan actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen onderstaan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal onderstaan bijzin, toekomende tijd
zal onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou onderstaan bijzin, voorwaardelijk
zou onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) onderstaan onder zou(dt) staan bijzin, voorwaardelijk
zouden ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden onderstaan bijzin, voorwaardelijk
zouden onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt ondergestaan hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt onderstaan bijzin, voorwaardelijk
zoudt onderstaan hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen onderstaan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen onderstaan bijzin, toekomende tijd
zullen onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult ondergestaan hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult onderstaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult onderstaan bijzin, toekomende tijd
zult onderstaan hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult/zal onderstaan onder zult/zal staan bijzin, toekomende tijd

Woordfamilie van onderstaan

Woordvorm Relatie Afgeleid van
ondergestaan voltooid deelwoord onderstaan
ondersta subordinate-clause, tegenwoordige tijd onderstaan
onderstaat subordinate-clause, tegenwoordige tijd onderstaan
onderstond subordinate-clause, verleden tijd onderstaan
onderstonden subordinate-clause, verleden tijd onderstaan
sta onder gebiedende wijs onderstaan
staan onder aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon onderstaan
staat onder aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon onderstaan
stond onder verleden tijd onderstaan
stonden onder aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon onderstaan

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onderstaan zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over onderstaan

Hoe spreek ik onderstaan uit?
Zo spreek je onderstaan uit: /ˈɔndərˌstan/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van onderstaan?
Onderstaan is een werkwoord. De betekenis is: onder water staan. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik onderstaan?
Zo vervoeg je onderstaan zo: de tegenwoordige tijd is ondersta, de verleden tijd is onderstond en het voltooid deelwoord is ondergestaan. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op onderstaan?

Onderstaan rijmt op 230 woorden op -aan; maan, banaan en italiaan bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op onderstaan, uitspraak ˈɔndərˌstan, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
maan 1
banaan 2
italiaan 4
baan 1
haan 1
zwaan 1
baviaan 3
gaan 1
arubaan 3
pelikaan 3
braziliaan 4
afrikaan 3
amerikaan 4
bakbanaan 3
bestaan 2
europeaan 4
cyaan 2
bonairiaan 4
kapelaan 3
colombiaan 4
begaan 2
ondergaan 3
leguaan 3
aan 1
aangedaan 3
graan 1
verslaan 2
verstaan 2
traan 1
beslaan 2
mediaan 3
saffraan 2
vooraan 2
slaan 1
laan 1
ontslaan 2
achteraan 3
staan 1
kraan 1
eraan 2
Nog 60 rijmwoorden

Er zijn er 230 in totaal; hier staan de kortste 100.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord onderstaan is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. N 1
  3. D 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. S 2
  7. T 2
  8. A 1
  9. A 1
  10. N 1
  11. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

onderstaan levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 54 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. N 1
  3. D 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. S 2
  7. T 2
  8. A 1
  9. A 1
  10. N 1
  11. 14 zonder bonus
  12. 54 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (D) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

onderstaan in het kort

onderstaan staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van onderstaan staan er 64 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort onderstaan bij een woordfamilie van 10 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

onderstaan: onder water staan
Deel onderstaan — standaardnederlands.nl