moment
zelfstandig naamwoord moˈmɛntBetekenis
- zeer korte tijd
- punt in de tijd
- een vector die gelijk is aan het product van de kracht en de arm
- op dit moment; nu
- omstandigheid
- chvíle
- činitel
- veličina
Hoe spreek je moment uit?
/moˈmɛnt/
Moment bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| o | boot |
| ɛ | bed |
| n | nek |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| momenten | meervoud |
| momentje | verkleinwoord, enkelvoud |
| momentjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘ogenblik’ voor het eerst aangetroffen in 1485
Woordfamilie van moment
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| momenten | meervoud | moment |
| momentje | verkleinwoord | moment |
| momentjes | verkleinwoord meervoud | moment |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van moment zijn vastgelegd.