agent
zelfstandig naamwoord aˈɣɛntBetekenis
- een persoon die belast is met de handhaving van de openbare orde en veiligheid
- een vertegenwoordiger van een bedrijf
- iemand die met een bepaalde opdracht, taak belast is
- politieambtenaar, politieagent
- vertegenwoordiger van een acteur, kunstenaar, schrijver e.d.
- werkzame stof
- handelende persoon
- (inlichtingen) iemand die namens een geheime dienst inlichtingen verzamelt, spion
- vertegenwoordiger
- spion
Hoe spreek je agent uit?
/aˈxɛnt/
Agent bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| a | maan |
| x | acht |
| ɛ | bed |
| n | nek |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- persoon die namens de politie belast is met de handhaving van de openbare orde en veiligheid
- vertegenwoordiger van een bedrijf
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| agenten | meervoud |
| agentje | verkleinwoord, enkelvoud |
| agentjes | verkleinwoord, meervoud |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- softwareprogramma dat zelfstandig namens een gebruiker kan optreden
- eenheid in sociaal model die andere eenheden beïnvloedt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| agents | meervoud |
Woordfamilie van agent
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| agenten | meervoud | agent |
| agentje | verkleinwoord | agent |
| agentjes | verkleinwoord meervoud | agent |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van agent zijn vastgelegd.