wed
zelfstandig naamwoord, werkwoord /ʋɛt/Betekenis
- doorwaadbare plaats, voorde
- drenkplaats
- weddenschap
Hoe spreek je wed uit?
/wɛt/
Wed bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| w | quiz |
| ɛ | bed |
| t | tak |
Klinkt hetzelfde als wet.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| wedden | meervoud |
| wedje | verkleinwoord, enkelvoud |
| wedjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wedden
- gebiedende wijs van wedden
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wedden
Vervoeging van wed
wedhele werkwoord
Herkomst
zn [1], [2]: van Middelnederlands wedde, verwant aan wad. Protogermaans *wadja.
Woordfamilie van wed
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| wedje | verkleinwoord | wed |
| wedjes | verkleinwoord meervoud | wed |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van wed zijn vastgelegd.