zakenkabinet
zelfstandig naamwoord /'zakənkabi'nɛt/Betekenis
- een kabinet van bewindslieden wier doel is eerder de lopende zaken te behartigen dan om een bepaald politiek programma uit te voeren
- tweede betekenisomschrijving.
- enz.
Hoe spreek je zakenkabinet uit?
/ˈzakənkabiˈnɛt/
Zakenkabinet bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| z | zon |
| a | maan |
| k | kat |
| ə | de |
| n | nek |
| b | bak |
| i | riet |
| ɛ | bed |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zakenkabinetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zakenkabinetjes | verkleinwoord, meervoud |
| zakenkabinetten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van zaak en kabinet met het invoegsel -en-
Woordfamilie van zakenkabinet
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zakenkabinetje | verkleinwoord | zakenkabinet |
| zakenkabinetjes | verkleinwoord meervoud | zakenkabinet |
| zakenkabinetten | meervoud | zakenkabinet |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zakenkabinet zijn vastgelegd.