solvent
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord sɔlˈvɛntBetekenis
- oplosmiddel (vaak een agressieve stof)
- in staat aan al zijn geldelijke verplichtingen te voldoen, in staat te betalen
Hoe spreek je solvent uit?
/sɔlˈvɛnt/
Solvent bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| ɔ | bot |
| l | land |
| v | vis |
| ɛ | bed |
| n | nek |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- vloeistof (vaak een agressieve verbinding), waarin een andere stof kan worden opgelost
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| solventen | meervoud |
| solventje | verkleinwoord, enkelvoud |
| solventjes | verkleinwoord, meervoud |
| solvents | meervoud |
Herkomst
via Middelnederlands solvent van Latijn solvens ww , in de betekenis van ‘in staat om te betalen’ aangetroffen vanaf 1476
Woordfamilie van solvent
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| solvente | woordvorm | solvent |
| solventen | meervoud | solvent |
| solventer | woordvorm | solvent |
| solventere | woordvorm | solvent |
| solventers | woordvorm | solvent |
| solventje | verkleinwoord | solvent |
| solventjes | verkleinwoord meervoud | solvent |
| solvents | meervoud | solvent |
| solventst | woordvorm | solvent |
| solventste | woordvorm | solvent |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van solvent zijn vastgelegd.