silhouet
zelfstandig naamwoord ˌsiluˈwɛtBetekenis
- afbeelding van een ondoorzichtig object (zoals een persoon, voorwerp, gebouw of vogel) dat sterk contrasteert met de achtergrond en zo een duidelijke vorm heeft, maar verder egaal van kleur is (in het algemeen zwart of grijs), doordat er weinig licht opvalt dat gereflecteerd zou kunnen worden, in verhouding tot de helderheid van het achtergrondlicht
Hoe spreek je silhouet uit?
/ˌsiluˈwɛt/
Silhouet bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| i | riet |
| l | land |
| u | boek |
| w | quiz |
| ɛ | bed |
| t | tak |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| silhouetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| silhouetjes | verkleinwoord, meervoud |
| silhouetten | meervoud |
Herkomst
eponiem, van Frans silhouette zn , genoemd naar de 18e eeuwse Franse minister van Financiën E. de Silhouette ; in de betekenis van ‘schaduwbeeld’ voor het eerst aangetroffen in 1824 Volgens sommigen was het maken van portretten in silhouet een belangrijk tijdverdrijf voor De Silhouette, anderen leggen een verband met de drastische besparingen die hij wilde doorvoeren en het gegeven dat een portret "à la silhouette" relatief goedkoop was.
Woordfamilie van silhouet
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| silhouetje | verkleinwoord | silhouet |
| silhouetjes | verkleinwoord meervoud | silhouet |
| silhouetten | meervoud | silhouet |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van silhouet zijn vastgelegd.