schim
zelfstandig naamwoordBetekenis
- fantoom of geestverschijning is een vermeend verschijnsel dat in het volksgeloof doorgaans in verband wordt gebracht met de ziel of geest van een overleden persoon die niet tot rust kan komen
- is de schaduw die een object werpt op een ondergrond of een ander voorwerp, schaduwbeeld
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schimmen | meervoud |
| schimmetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| schimmetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘schaduw’ voor het eerst aangetroffen in 1437
Woordfamilie van schim
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schimmen | meervoud | schim |
| schimmetje | verkleinwoord | schim |
| schimmetjes | verkleinwoord meervoud | schim |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schim zijn vastgelegd.