makaron
zelfstandig naamwoord /makaˈrɔn/Betekenis
- Fransch en Nederduitsch Woorden-Boek 6e druk (1793) Jan van Eyl, Amsterdam; p. II-85; koekje bereid uit amandelspijs en eiwit, met naar plaats en tijd verschillende bereidingswijzen, vanaf de twintigste eeuw ook twee zulke koekjes op elkaar met een zachte vulling ertussen, vaak met opvallende kleuren.
Hoe spreek je makaron uit?
/makaˈrɔn/
Makaron bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| a | maan |
| k | kat |
| r | rood |
| ɔ | bot |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- klein rond luchtig gevuld koekje gemaakt van amandelspijs en eiwit, met naar plaats en tijd verschillende bereidingswijzen, vanaf de twintigste eeuw ook twee zulke koekjes op elkaar met een zachte vulling ertussen, vaak met opvallende kleuren
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| makaronnetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| makaronnetjes | verkleinwoord, meervoud |
| makarons | meervoud |
Herkomst
van Frans macaron zn , gebruikt voor verschillende koekjes van amandelspijs en eiwit
Woordfamilie van makaron
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| makaronnetje | verkleinwoord | makaron |
| makaronnetjes | verkleinwoord meervoud | makaron |
| makarons | meervoud | makaron |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van makaron zijn vastgelegd.