kastanjechampignon
zelfstandig naamwoord kɑsˈtɑɲəˌʃɑmpiˌŋɔnBetekenis
- iets steviger, houdbaarder en meer naar noot smakend dan hun witte soortgenoten
Hoe spreek je kastanjechampignon uit?
/kɑsˈtɑnjəˌʃɑmpiˌŋɔn/
Kastanjechampignon bestaat uit zes lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| t | tak |
| n | nek |
| j | ja |
| ə | de |
| ʃ | sjaal |
| m | maan |
| p | pak |
| i | riet |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord — masculine
- eetbare bruine paddenstoel van de soort Agaricus bisporus, iets steviger, houdbaarder en meer naar noot smakend dan hun witte soortgenoten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kastanjechampignons | meervoud |
Herkomst
samenstelling van kastanje zn en champignon zn
Woordfamilie van kastanjechampignon
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kastanjechampignons | meervoud | kastanjechampignon |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kastanjechampignon zijn vastgelegd.