leur
zelfstandig naamwoord, werkwoord /lør/Betekenis
- waardeloos ding, lor, vod, prul
- hun (bij woorden in het enkelvoud)
- hun (3e persoon meervoud, datief)
- iemand die nagaat of reizigers in het openbaar vervoer een geldig plaatsbewijs bij zich hebben
Hoe spreek je leur uit?
/lør/
Leur bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| ø | deur |
| r | rood |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van leuren
- gebiedende wijs van leuren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van leuren
Vervoeging van leur
leurhele werkwoord
Herkomst
van Middelnederlands leure, verder herkomst onzeker