rijinstructeur
zelfstandig naamwoord ˈrɛiʔɪnstrʏkˌtørBetekenis
- iemand die voor zijn beroep mensen praktijklessen geeft in het besturen van een motorvoertuig zoals een auto, motor of vrachtwagen
Hoe spreek je rijinstructeur uit?
/ˈrɛiɪnstrʏkˌtør/
Rijinstructeur bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| ɛi | trein |
| ɪ | pit |
| n | nek |
| s | sok |
| t | tak |
| ʏ | put |
| k | kat |
| ø | deur |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| Als het nodig is om verwarring over de opbouw van het woord te voorkomen, kan volgens de toelichting bij spellingregel 6... | |
| rijinstructeurs | meervoud |
Herkomst
samenstelling van rij ww en instructeur zn
Woordfamilie van rijinstructeur
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rijinstructeurs | meervoud | rijinstructeur |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rijinstructeur zijn vastgelegd.