mannelijkheid
zelfstandig naamwoord ˈmɑnələkˌhɛitBetekenis
- kracht en in bezit van eigenschappen zoals aan mannen wordt toegeschreven
- penis
Hoe spreek je mannelijkheid uit?
/ˈmɑnələkˌhɛit/
Mannelijkheid bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| ə | de |
| l | land |
| k | kat |
| h | hoed |
| ɛi | trein |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord
- mannelijk geslachtsorgaan, penis euphemistic
- gezichtsbeharing
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| mannelijkheden | meervoud |
Herkomst
afgeleid van mannelijk met het achtervoegsel -heid
Woordfamilie van mannelijkheid
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| mannelijkheden | meervoud | mannelijkheid |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van mannelijkheid zijn vastgelegd.