spontaniteit
zelfstandig naamwoord ˌspɔntaniˈtɛitBetekenis
- het uit eigen aandrang en zonder nadere overweging handelen; het onvoorbedacht geschieden, tot uiting komen: de spontaniteit van die reactie
- de hoedanigheid van het gebeuren zonder moedwillig ingrijpen van de mens in de vorm van toevoeging van energie
Hoe spreek je spontaniteit uit?
/ˌspɔntaniˈtɛit/
Spontaniteit bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de vierde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| p | pak |
| ɔ | bot |
| n | nek |
| t | tak |
| a | maan |
| i | riet |
| ɛi | trein |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| spontaniteiten | meervoud |
Herkomst
Van het Engelse spontaneity of het Franse spontanéité met het achtervoegsel -iteit
Woordfamilie van spontaniteit
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| spontaniteiten | meervoud | spontaniteit |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van spontaniteit zijn vastgelegd.