wintertijd
zelfstandig naamwoord ˈwɪntərˌtɛitBetekenis
- de tijd zoals die geldt in de herfst- en wintermaanden, zonder dat de klok een uur vooruit is gezet
Hoe spreek je wintertijd uit?
/ˈwɪntərˌtɛit/
Wintertijd bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| w | quiz |
| ɪ | pit |
| n | nek |
| t | tak |
| ə | de |
| r | rood |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord — masculine
- de koude periode van het jaar
Herkomst
samenstelling van winter en tijd